Aquatic Village afstudeerproject James Moya Jessop

Master among masters

Aquatic Village afstudeerproject James Moya Jessop

Door: Redactie ArchitectuurNL | 09-11-2017

De zustersteden El Paso en Ciudad Juarez op de grens tussen de VS en Mexico, kampen met grensoverschrijdende waterproblematiek. Om opdroging van waterbronnen een halt toe te roepen ontwierp James Moya Jessop in het kader van zijn masters Architectuur op de TU Delft het plan Aquatic Village. Een enorme holte op de grens van de twee steden, met daaromheen urban farming, aquatische tuinen, ruimten voor onderwijs, onderzoek, waterzuivering en recreatie. Moya Jessop studeerde cum laude af op dit veelomvattende, weldoordachte en visionaire project

De zustersteden El Paso en Ciudad Juarez, gevestigd in het hart van de grens tussen de Verenigde Staten en Mexico, zijn een bekend voorbeeld van de politieke en sociaaleconomische tweedeling in het gehele grensgebied. Binnen deze context was het interessant om een project te ontwikkelen, dat is gebaseerd op gemeenschappelijke ruimtelijke problemen, dat een kader kan bieden voor samenwerking en het idee van landsgrenzen als lijn voor sociaal-culturele en politieke discontinuïteit wil doorbreken.

Binationaal watermanagement

Van de gemeenschappelijke problemen, leek de achteruitgang van natuurlijke bronnen door het gebrek aan gezamenlijk management en samenwerking, een van de meest urgente punten om aan te werken. Vooral het watermanagement was erg slecht en omdat dit woestijnachtige gebied weinig mogelijkheden lijkt te bieden voor hernieuwbare bronnen, werd dit mijn onderzoeksonderwerp. Ik stel binationaal watermanagement en hergebruik van infrastructuur voor als een kader voor samenwerking betreffende deze fragiele en hoognodige bron voor het duurzame bestaan in dit grootstedelijke gebied. Dit binationale systeem voor waterinfrastructuur is bedoeld om wederzijdse controle en druk uit te oefenen op beide gemeentes. Hopelijk leidt dit tot een verbetering van het management van de watercyclus en daarmee tot een stabiele toekomst voor wat betreft de watervoorziening van de bevolking van het gebied. Onderliggend doel is om mensen te laten nadenken over natuurlijke bronnen buiten de nationale kaders. Ze leren landschappen en stedelijke gebieden te beschouwen als een continuüm, dat door de bronnen wordt gevoed. Het project wil alle lagen van de bevolking betrekken bij de waterproblematiek. Voor de democratisering van en toegang tot kennis en informatie over water is een plek nodig die toegankelijk is voor iedereen die interesse heeft in de verschillende facetten van water, van de technologieën voor waterzuivering tot de gebruiksmogelijkheden van water voor recreatie en consumptie.

Hergebruik afvalwater

Met het oog op de snelle afname van hernieuwbare waterbronnen in de El Paso- Ciudad Juarez regio, houdt het project rekening met de directe verwachte vraag naar water in het komende decennium, en met de regelgeving die is toegepast gedurende het afgelopen decennium als reactie op de dalende lokale waterstanden in de aquifer (watervoerende grondlaag). In algemene zin beoogt dit project een systeem te ontwikkelen van decentrale en meer compacte waterhergebruiksystemen, om de lokale aquifer waterpeilen aan te vullen en te stabiliseren. Het tot in detail uitgewerkte project bevat een binationale installatie voor hergebruik van afvalwater, Deze is gepositioneerd in het hart van de fysieke grenslagen, aan de Rio Grande en meerdere wegen en tussen El Paso en Ciudad Juarez. Om ervoor te zorgen dat de nieuwe installatie optimaal kan functioneren, is de watercyclus aangepast. Van oudsher is het water voor openbare voorzieningen en huishoudelijk gebruik onttrokken aan de onderliggende aquifer en dit gebruik is in de laatste jaren toegenomen. Natuurlijke recirculatie naar de aquifer is afgenomen door de toegenomen urbanisatie en een inconsistente stroom van oppervlaktewater naar de aquifer. In plaats van licht behandeld afvalwater af te voeren in de rivier, moet het afvalwater meer gezuiverd worden om uiteindelijk te worden vervoerd naar de aquifer onder het grootstedelijk gebied. Deze reiniging vergt energie en tijd, maar heeft grotere en meer toekomstgerichte voordelen, zoals natuurlijke watercirculatie door het gebruik van de aquifer en de stabilisatie en hogere betrouwbaarheid van de lokale waterreserves.

Ontwikkeling lokaal watersyteem

Met het tweeledige doel om fouten in het bestaande waterhergebruiksysteem te herstellen en tegelijkertijd transparantie te bieden over de omgang met water, is het idee ontstaan om een plek met lokaal watersysteem te ontwikkelen, waar inwoners van dichtbij inzicht kunnen krijgen hoe het water dat zij dagelijks gebruiken wordt afgevoerd, hergebruikt en teruggevoerd. Om de ernst van de situatie te illustreren, manifesteert de architectuur zich als een gat in de grond op de plek waar het waterpeil het meest is afgenomen. Dit gat doorsnijdt alle uitgeputte lagen van het aquifer systeem en bereikt de huidige grondwaterstand op ongeveer 65 meter onder de grond. Deze enorme holte visualiseert de impact van de ongecontroleerde waterconsumptie, en moet de inwoners zich verantwoordelijk laten voelen voor toekomstig beheer van waterbronnen.

Auditorium

Om het belang van ieders rol in het watermanagement te benadrukken, is het programma georganiseerd op diverse diepteniveaus. De meest publieke programma’s zijn gesitueerd aan het oppervlak en de meer specifieke leerprogramma’s op diepere niveaus, tot op de bodem van de holte. Parallel aan deze programma’s is de waterbehandeling geordend vanaf het maaiveld afdalend tot het diepste aquifer niveau. Urban farming en een aquatische plantentuin, met als functie de initiële waterfiltratie, zijn bovenaan gepositioneerd in een openbaar landschap dat de nieuwe grens tussen de twee steden zal vormen. De verdiepingen in het midden bevatten ruimten voor onderwijs over water en laboratoria voor onderzoek naar watertechnologie. Parallel hieraan liggen tertiaire filtratiesystemen die water zuiveren tot de aquifer standaard. Helemaal beneden worden twee functies gesitueerd: een auditorium voor conferenties op het gebied van water en daartegenover een reeks openbare zwembaden, waar het water schoon genoeg is om in te baden. Het waterniveau in deze baden weerspiegelt het huidige grondwaterniveau.

Zonlicht

De richting van holte is gebaseerd op lokale factoren als breedtegraad, zonhoek, jaarlijkse temperaturen en vochtigheid. De kanteling volgt de zonhoek tijdens de equinox en optimaliseert aldus gedurende het hele jaar daglicht en schaduw in de holte. Vanwege het warme en droge klimaat van het gebied is passende zonwering tijdens de warmste uren essentieel, maar het is ook belangrijk zo veel en zo diep mogelijk daglicht binnen te krijgen om de ruimte aantrekkelijk te maken voor gebruik. Om het programma op zo’n schuin vlak te huisvesten, wordt de geometrie vereenvoudigd tot een reeks horizontale platformen die over elkaar heen steken en trapsgewijs aan elkaar aansluiten. Dit geeft de mogelijkheid om het programma duidelijk te verdelen over twee kanten. Die verdeling is gebaseerd op de benodigde kwaliteiten als licht, privacy en openbaarheid, maar ook op de relatie met het water dat door de holte stroomt.

Duurzaamheidsmaatregelen

Het openbare programma, waarvoor meer licht en een beter zicht op het gehele zuiveringsproces gewenst is, is gepositioneerd aan de zonnige noordzijde met grote overstekken met uitzicht op de lagere niveaus. Aan de andere kant staan de grote waterfiltratie bassins, met daarnaast de laboratoria die direct toegang hebben tot het water dat wordt gezuiverd. Dit optimaliseert het werkproces en de ervaring van het water door de omliggende watervallen. Duurzaamheidmaatregelen zijn integraal ontworpen in dit project. Daarbij is gebruik gemaakt van de aanwezigheid van water en de natuurlijke condities op de locatie. Profiterend van factoren als zonstraling en beweging van het water ontstaan warme en koude luchtstromen op de verdiepingen binnen de holte. Dit draagt bij aan een prettige omgeving om te werken, leren en recreëren.

Constructie platforms

Voor de constructie van de platforms zijn verschillende methodes gebruikt voor de vier kanten van de holte, gebaseerd op hoe de stabiliteit van de gestapelde niveaus het beste werkt. Aan de zuid-, west- en oostzijde wordt de holte naar beneden toe geleidelijk smaller, zodat de belasting gemakkelijk kan worden afgedragen in de grond. Voor de constructie van deze drie kanten is daarom gewapend beton gekozen voor de dragende muren, de vloerplaten en de kolommen. Het geëxtraheerde droge materiaal uit de holte kan worden gerecycled in het beton. Aan de noordzijde, waar de gelaagde niveaus naar beneden toe steeds minder oppervlakte hebben, is een stalen truss-systeem over de gehele breedte van de holte gebruikt om het gewicht van elk niveau onafhankelijk naar de grond over te dragen.

Tekst en beeld: James Moya Jessop

Poëtische openbaring

Vanuit stedenbouwkundig oogpunt is ondergronds bouwen al snel ‘verdacht’, alsof er iets – het stedelijk weefsel, of meer in het algemeen: de realiteit van het leven zelf – moet worden vermeden of ontkend. Ondergrondse architectuur zou autistisch zijn, afgesneden van het leven, naar niets anders verwijzend dan zichzelf. In Aquatic Village, het afstudeerproject van James Moya Jessop, is het tegenovergestelde waar. Hier vormen ondergrondse zoetwaterstructuren, zogenaamde aquifers, de complexe context voor het ontwerp. Het ontwerp kan gelezen worden als een plek van opgraving, waar een ondergrondse wereld van zoetwater ‘in het licht wordt gebracht’, en onder de aandacht van de mensen. Hier gaat het juist om onthullen in plaats van verbergen; het gebouw vormt een structuur voor openbaring. Het waterthema wordt ingezet in schril contrast met de harde fysieke en politieke scheiding tussen Mexico en de Verenigde Staten.

Het ontwerp poogt symbolisch te verenigen wat nu gescheiden is door het maken van een binationaal waterlandschap. Poëzie wordt opgebouwd uit dezelfde woorden als die behoren tot het alledaags taalgebruik. De dichter gebruikt deze woorden alleen op een andere manier, in vaak onvoorziene combinaties, zoekend voor een precieze duiding, zich vaak uitend in tegenstrijdigheden. De poëtische kwaliteit van Moya’s ontwerp is gelegen in de wijze waarop lucht, rotsen, water, mensen en licht bij elkaar worden gebracht. De mens bestaat voor 70% uit water en, net als water, is het onze natuur om te stromen, uit te breiden en te verbinden. Het ontwerp vormt de dramatische expressie van deze realiteit van het leven zelf. In de huidige tijd van Amerikaans isolationisme – waarin de gevolgen van klimaatverandering keihard ontkend worden – heeft het project Aquatic Village een grote urgentie. Naast een prachtig ontwerp stemt dit waterlandschap tot nadenken.

Tekst Paul Broekhuisen, afstudeerbegeleider urbanism, TU Delft  

Integrale en veerkrachtige oplossing

Ik heb James leren kennen als een nauwgezette en gedreven student die zich ten doel heeft gesteld om zijn afstudeerontwerp als middel in te zetten voor een hoger doel. Met architectuur wil hij een oplossing aandragen voor twee problemen: – Eenheid creëren voor een gemeenschappelijk belang op de grens tussen Mexico –VS waar grote politieke en economische contrasten pijnlijk zichtbaar en voelbaar zijn; – De huidige klimaatopwarming en verstedelijking zijn, in combinatie met mismanagement (probleem is voor het buurland) en de schaarste van schoon water en voldoende waterbufferzones, niet alleen een sociaal-maatschappelijk, maar ook een ecologisch probleem is dat hoog nodig moet worden aangepakt. Met zijn symbolische architectuur, door letterlijk een gebouw als gat in de grond te ontwerpen, wil hij de twee samenlevingen de problematiek tonen en aanzetten om samen te werken aan een duurzame oplossing voor het gemeenschappelijke probleem. Hij heeft heel goed gekeken naar de lokale omstandigheden om daarvoor maximale passieve maatregelen verzinnen voor een veerkrachtige (resiliente) ontwerpoplossing. Integraal past hij constructie, materialisatie en klimaatontwerp toe als middel om tot zijn architectuur te komen. Ik vind dat hij daar zeker in is geslaagd! Suzanne Groenewold, mentor bouwtechniek, TU Delft problematiek tonen en aanzetten om samen te werken aan een duurzame oplossing voor het gemeenschappelijke probleem. Hij heeft heel goed gekeken naar de lokale omstandigheden om daarvoor maximale passieve maatregelen verzinnen voor een veerkrachtige (resiliente) ontwerpoplossing. Integraal past hij constructie, materialisatie en klimaatontwerp toe als middel om tot zijn architectuur te komen. Ik vind dat hij daar zeker in is geslaagd!

Tekst Suzanne Groenewold, mentor bouwtechniek, TU Delft

Dit artikel is gepublicerd in ArchitectuurNl nummer 5 van 2017

Gerelateerd

Tags: , ,

    Schrijf een reactie

    Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.