Dutch Design Week 2014

Design, Inspiratie

Dutch Design Week 2014

Door: Jeroen Junte | 08-12-2014

Geen knallende champagnekurken. Ook geen zittafels met dikke ordermappen. En al helemaal geen architectonische beurstand die bezoekers van de Dutch Design Week van verre moet lokken. Pragmatisme vierde hoogtij op het belangrijkste designevent van Nederland met een tiendaags programma en 300.000 bezoekers van vierhonderd exposities, lezingen en workshops van meer dan 1.000 deelnemers.

Karwei collectie

De meubelcollectie die bouwmarktketen Karwei presenteerde de designbeurs in Eindhoven blonk vooral uit in eenvoud en pragmatisme. Op een winderig plein op het voormalige Philipsterrein Strijp-S stonden twee ruige zeecontainers waarin de tien meubels uit de basic Karwei-collectie worden gepresenteerd. Aan de muur hangen bakken met gratis folders die bezoekers kunnen meenemen. Met de gebruiksaanwijzing op de folder kunnen ze de meubels zelf in elkaar zetten. Elk meubel is vervaardigd uit precies een standaard houtplaat, zodat er geen restmateriaal overblijft. De collectie ontstijgt het niveau van bouwpakketjes, verzekert brand manager Matthijs van Ewijk van Karwei. ‘Het zijn uitgekiende designs van architectuur- en designstudio Dedato’ .

Pragmatisme

De presentatie van Karwei is in veel opzichten kenmerkend voor deze editie van de Dutch Design Week. Pragmatisme vierde hoogtij op het belangrijkste designevent van Nederland met een tiendaags programma en 300 duizend bezoekers van vierhonderd exposities, lezingen en workshops van meer dan duizend deelnemers. Neem het Design Perron, een rij lege pakhuizen langs het spoor waar diverse jonge ontwerpers en kleine designlabels zich presenteren. Of De Kazerne, de nieuwe hotspot in een oude legerkazerne die is verbouwd tot designhub met restaurant en expositieruimte. Het zijn deze informele locaties die fungeren als springplank voor jong talent. Zelfs de prestigieuze Dutch Design Awards zijn voor de expositie van de dertig genomineerde ontwerpers uitgeweken naar een leegstaande fabriekshal op het Strijp-T terrein.

De kracht van kleur

Dat met minimale ingrepen een maximale impact kan worden gemaakt, bewijst ook het succesvolle ontwerpduo Scholten & Baijings met de stoffen Blocks en Grids voor de Amerikaanse stoffenfabrikant Maharam. Stefan Scholten en Carole Baijings bedachten een stof met een repetitie van negen meter, zodat elke bank of gordijn een uniek patroon heeft. De stoffen zijn uitgevoerd in een samenhangend kleurpalet met een helder geometrische dessin van blokken Blocks) en strepen zodat de stoffen zich onderling ook goed laten combineren Met het ontwerp van slechts tien stoffen heeft Scholten & Baijings dus een wereld aan kleuren en patronen ontsloten. De kracht van kleur werd door het Amsterdamse duo, dat door de organisatie naar voren  was geschoven als ‘ambassadeurs’, dieper uitgelicht op de expositie Design in full colour.

Doe-het-zelf design

De Maharam-collectie van Scholten & Baijings is een van de weinige kant-en-klare producten op de Dutch Design Week, dat vooral het profiel heeft van platform voor jong talent. Maar ook daarvan heeft het design veelal van een praktische inslag. De jonge ontwerper/architect Dirk Osinga lanceerde samen met ontwerpster Lotte de Raadt een onderzoek naar betaalbaar wonen. Ze hebben een modulair systeem van meubels ontworpen, die zijn opgebouwd uit vaste onderdelen, zoals plaathout, standaardlatten en lichtgewicht platstaal met perforaties. Hiermee kunnen stoelen, lampen en kasten worden gebouwd.

De Eindhovense industrieel ontwerper Mart Marcus toonde een prototype van Bendt een flexibel meubel vervaardigd van harde kunststof die na verhitting flexibel wordt. Het ontwerp is feitelijk niets meer dan een plaat ter grootte van een ultradunne matras, waarvan een tafel of stoel kan worden gebogen of gevouwen. Door de plaat te verhitten -daarvoor hoeft alleen de stekker in het stopcontact- kan de vorm en functie van het meubel worden aangepast.

Meubels bouwen en vervaardigen met 3D printer

Een voorschot op het doe-het-zelf design van morgen neemt het bedrijfje Keyshapes, een samenwerking van Kirschner3D, Jesse Howard, Unfold en Penny Webb. Het architectonische principe van parametrisch ontwerpen is vertaald naar productontwerp. Keyshapes lanceerde diverse koppelstukken die de gebruiker zelf kan (laten) vervaardigen met een 3D-printer; met deze koppelstukken kunnen vervolgens meubels worden gebouwd of gerepareerd. Deze koppelstukken kunnen elk vorm krijgen, zodat een lampenkap op elke fitting past of op de voet van een kapotte lamp kan worden bevestigd. Het gewenste formaat wordt opgemeten met digitale meetapparatuur, die weliswaar ogen als de ouderwetse passer en duimstok maar zijn voorzien van verfijnde sensors. De computer berekent vervolgens de bijbehorende pasvorm van het koppelstuk en geeft deze door aan de 3D-printer.

Nieuwe materialen

Was het vanouds de Design Academy die de tijdgeest haarfijn aanvoelde met conceptuele ontwerpen, nu is het de gezamenlijke presentatie van TU-alumni uit Delft, Eindhoven en Twente die trendsettend is met spannende vergezichten en futuristische prototypes. Een team van industrieel– en modeontwerpers bedacht de BB Suit 2.0, een gebreide overall die de lucht zuivert. Het materiaal is cold plasma, een bijzondere kunststof die virussen en bacteriën doodt. Een fascinerende verkenning is de Pykrete Dome van twee Eindhovense bouwkundigen.

Materiaal Pykrete

Dit tijdelijke en duurzame paviljoen is vervaardigd van het nieuwe materiaal Pykrete, een mengsel van zaagsel en ijs. Als het paviljoen in de lente smelt, vermengt het water zich met het zaagsel, waarna het wordt opgenomen in de natuurlijke cycli. Bij gebrek aan echte gebruiksvoorwerpen zijn het dit soort materiaalonderzoeken die domineren op de Dutch Design Awards. In de expositie Forging the future van Material Sense toonde Nina Gautier haar brandnetelonderzoek ‘Urtica Lab’ met delicate geweven stoffen waarin brandnetels zijn verwerkt, als grondstof en natuurlijke verf. En Teresa van Dongen presenteerde Ambio een lichtarmatuur die licht geeft door de werking van bio-luminescente bacteriën. Maar ook individuele ontwerpers zoeken naar onverwachte grondstoffen, zoals Marlene Huissoud insecten. Haar zwarte vazen zijn gemaakt van propolis, een afvalmateriaal uit bijenkorven. En van de door de vlinder als afval achtergelaten cocon maakt ze zijde die ze toepast als tapijt en in meubels.

Ontwerpduo Blond & Bieber

Het jonge ontwerpduo Blond & Bieber onderzoekt met Algaemy of algen als kleurstof kunnen dienen. Door de klimaatverandering  worden algen steeds talrijker; de voedselwaarde  van de eenvoudige levensvorm is bekend. Maar Blond & Bieber laten zien dat je er ook textiel mee kunt verven. Voor de productie van algen en het verven van textiel met pigment van gedroogde algen ontwikkelde het duo een rijdend verffabriekje.  Grote oplagen kunnen ze met deze kunstzinnige installatie nog niet produceren. Maar de lappen stof die ze tonen op  de Dutch Design Week, ogen veelbelovend.

Dutch Invertuals

In het schemergebied tussen prototype, materiaalonderzoek en eindproduct begeven zich ook de ontwerpen van Dutch Invertuals, een collectief van acht jonge ontwerpers. Jetske Visser en  Michiel Martens ontwierpen Hue Blinds, horizontale jaloezieën van duimdikke stroken plexiglas  die van boven naar beneden toenemen in kleurintensiteit. Overdag zorgt deze voor een zacht  getint zonlicht, terwijl het ’s avonds een bijna autonome sculptuur is.  Het duo Raw Color ontwierp Interline Panels, twee semitransparante gordijnen in ton sur ton met  een geometrische patroon in een net iets afwijkende kleurstelling. Deze doeken schuiven voor  en achter elkaar waardoor het patroon telkens verspringt in geometrie en kleur. Het zijn slimme  producten met de pragmatische eenvoud van een Karwei-meubel en de verfijnde esthetiek en  flexibiliteit van de stoffen van Scholten & Baijings.

Awards voor architectuur

Bij de Dutch Design Awards vielen dit jaar twee architectonische projecten in de prijzen. Winnaar  in de categorie Habitat is het nieuwe Rotterdam Centraal, een gezamenlijk ontwerp van Benthem   Crouwel, MVSA en West 8. Het puntige dak wijst naar het hart van de stad; de bescheiden  noordelijke entree sluit aan bij de achterliggende woonwijk. De jury: ‘Het ontwerp verheft het  hele omliggende gebied. Door het nieuwe station krijgt de omgeving een duidelijk focuspunt,  waardoor rust ontstaat. Daardoor functioneert het ontwerp goed. Hoewel de bewegwijzering nog  in ontwikkeling is, stuurt het ontwerp de stroom van mensen effectief. Het nieuwe station schept  ruimte en geeft de bezoeker ook daadwerkelijk het gevoel op reis te zijn.’  De Frame Public Award werd gewonnen door De Ceuvel. Bij dit eigenzinnige bouwproject  wordt vervuilde grond op het terrein van een voormalige scheepswerf gezuiverd door de aanleg  van een tuin. Daarin worden oude woonboten geplaatst, die ieder naar eigen wens kan opknappen.  Na tien jaar wordt de grond schoner opgeleverd. ‘De Ceuvel wekt de indruk van een utopie die  daadwerkelijk verwezenlijkt is’, schreef de nominatiecommissie. ‘Betaalbare accommodaties en  huisvesting reinigen niet alleen het terrein, maar leggen ook een stevig fundament in de vorm van  een betrokken gemeenschap. Er zijn slechts randvoorwaarden geschetst waarbinnen organisaties  en partijen een eigen plan kunnen ontplooien.’

Tekst: Jeroen Junte

Dit artikel is gepubliceerd in ArchitectuurNL nummer 8 van 2014

Gerelateerd

Tags: , , , , ,

    Schrijf een reactie