Verhalenvertellers

Verhalenvertellers

Inspiratie, Over de grens
Door: Peter de Winter | 30-10-2013

Het gaat goed met Kossmann.dejong. Op de shortlist van de Canterbury Cathedral Landscape Design Competition, de inrichting voor het Maritiem Museum in Denemarken, een tentoonstelling voor het Historisches Museum Frankfurt, een presentatie voor de Royal Shakespeare Company en een project in Taipei. Actief dus in het buitenland en dat, zegt business director Ellen Schindler, is echt nodig om je te blijven ontwikkelen en als bureau te overleven.

Architecten van exposities

In 1995 kregen Herman Kossmann (1958) en Mark de Jong (1960) opdracht de tentoonstelling De Wederopbouw, 50 jaar Rotterdamse Stadsgeschiedenis te ontwerpen. Hun eerste grote gezamenlijke project. De samenwerking beviel zo goed dat ze besloten tot oprichting van Kossmann.dejong, exhibition architects, ontwerpbureau voor tentoonstellingen en interieurarchitectuur. Beide heren studeerden architectuur in Delft, maar ‘De Wederopbouw’ was hun definitieve afscheid als architect van gebouwen.

Interieur plus

Eerst richtte het tweetal zich uitsluitend op tentoonstellingen, maar gaandeweg kregen ze steeds vaker ontwerpaanvragen voor interieurs. ‘Niet de gewone vragen om een kantoorinterieur’, zegt business director Ellen Schindler, ‘maar wat ik ‘interieur plus’- opgaven noem. Sprekende voorbeelden hiervan zijn het interieurontwerp WATT Pop Podium, de eerste Sustainable Dance Club ter wereld, het interieur van hotel Bazar in Rotterdam, LEF future center voor Rijkswaterstaat in Utrecht en de publieke ruimtes van BK City van de TU in Delft.’

Kenmerkend voor de ontwerpbenadering – aldus de website van het bureau – is de koppeling van inhoud aan verbeelding en de omzetting van ingewikkelde ontwerpopgaven in een indringende ervaring die toegankelijk is voor een breed publiek. Een statement als de V8 onder de motorkap van een Ford Mustang, maar hoe komt deze ontwerpopvatting in de praktijk tot uitdrukking?

Dat heeft volgens Schindler te maken met de gelaagdheid die het bureau in haar projecten aanbrengt. Je moet er in twee uur doorheen kunnen lopen, maar ook in vijf minuten. In beide gevallen moet je iets hebben meegemaakt. ‘Een tentoonstelling moet interessant zijn voor de leek én voor de kenner, voor kinderen én voor ouderen, voor een kort én lang bezoek. Daarnaast creëren we gelaagdheid door inzet van allerlei mediavormen. Naast de laag van de collectie werken we met film, geluid en interactiviteit. Naast kijken zijn ook de tast, reuk, geur en het gehoor in de beleving betrokken. Deze mediamix maakt het ons mogelijk in een tentoonstelling meerdere verhalen te vertellen.’

Dwarsverbanden

Bij het bedenken van de gelaagdheid gaan Kossmann en De Jong niet hun eigengereide gang, maar kiezen voor teamwork. Net als bij een film of theaterstuk gaat het in eerste instantie om vertaling van de inhoud. Te beginnen met intensieve gesprekken met curatoren en andere specialisten. Daarna wordt een interdisciplinair team opgetuigd dat de tentoonstelling tot een indringend, gelaagd product moet maken. Bij alles probeert het bureau niet alleen ontwerper, maar ook centraal regisseur te zijn.

Schindler: ‘Vaak komt een museumcurator direct met collectiestukken aanzetten die hij op een sokkel in the spotlight wil hebben. Maar kan de voorgestelde collectie het hele verhaal wel indringend genoeg vertellen? Wij willen de bezoeker op een nieuwe manier meenemen in het gekozen thema, onverwachte dwarsverbanden leggen en boeiende sferen aanbrengen.’

Zakelijk gezien gaat het Kossmann.dejong voor de wind. Volgens Schindler omdat het bureau zichzelf blijvend vernieuwt en projecten constant op een kwalitatief hoog niveau aflevert. ‘We zullen nooit een kant-en-klaar ontwerp uit een bureaula trekken. Wat we afleveren is nieuw bedacht. Bedrijfstechnisch gezien is dat lastig en duur, maar uiteindelijk kiezen wij altijd voor kwaliteit.’

Kwaliteit hoog in het vaandel voeren is mooi, maar ook het Amsterdamse ontwerpbureau ontkomt er niet aan dat budgetten onder druk staan.

Voor de crisis zocht het bureau financieel gezien de grenzen op bij wat het maakte. Geld kwam altijd wel ergens vandaan. Vandaag de dag is het startbudget al lager en is er steeds minder ruimte voor budgetoverschrijding. Waar het in essentie om gaat, is hetzelfde effect op een goedkopere manier bereiken. ‘Misschien’, zegt Schindler, ‘zijn we daar wel heel goed in en gaat het ons daarom voor de wind.’

Gemakzucht

Vandaag de dag moeten ze dus voor lagere budgetten vergelijkbare opdrachten ontwerpen met behoud van kwaliteit. Maakt dat de vroegere prestaties van Kossmann.dejong gemakzuchtiger? ‘Als de ruimte er is, dan neem je die. Dat is geen gemakzucht, dat was de grens waarbinnen je destijds werkte. Wordt die krapper, dan moet je je aanpassen om het zelfde verhaal met minder middelen te kunnen vertellen. En er is in mijn optiek geen verschil tussen de projecten van toen en van nu. Minder budget creëert ook een soort scherpte. De zoektocht naar middelen en materialen is ingewikkelder, maar iedereen snapt dat het voor minder moet. En als het dan toch lukt, geeft dat des te meer voldoening.’

Noodzaak

Dat Kossmann.dejong steeds meer in het buitenland werkt, is deels een logische ontwikkeling, deels noodzaak. Een bureau met 22 man personeel draaiend houden, lukt niet met uitsluitend Nederlandse opdrachtgevers. Overigens doet het bureau niet alleen grote opdrachten. Dit voorjaar ontwierp het voor het Spoorwegmuseum in Utrecht de tentoonstelling Beladen Treinen, Jodentransport in de Tweede Wereldoorlog. Het gaat om een permanente opstelling van maar 40 vierkante meter. ‘Met een oude bagagewagon en een interactieve console vertellen we het verhaal over de rol van de NS in de Tweede Wereldoorlog.’

Een nieuw, grootschaliger tentoonstellingsproject ligt in Taipei. ‘Ook hier zijn we gevraagd om een verhaal van een beladen geschiedenis vorm te geven. We willen met tentoonstellingen en interieurs indringende ruimtes maken waar je anders uitkomt dan je er bent ingegaan. Het narratieve is dus de rode draad in ons oeuvre’, zegt Schindler. ‘We zijn ruimtelijke verhalenvertellers.’

Tekst: Peter de Winter
Fotografie: Maarten Helle, Thijs Wolzak

Gerelateerd

Tags: , , , , , ,

    Schrijf een reactie