Amfionie

Kennis

Amfionie

Door: Redactie ArchitectuurNL | 12-09-2016

De perceptie van gebouwen, straten en pleinen kan soms verrassende composities opleveren die architecten en stedenbouwers nooit zo voorzien hebben en zelf ook nooit zo tonen in renderings of foto’s van hun werk. Maar juist het steeds wisselende en onverwachte beeld dat een wandelaar in de stad ziet kan een rijke ervaring van schoonheid teweeg brengen. Een pleidooi van architect Eric Vreedenburgh voor meer toeval en differentiatie in de onze steden.

In tijdschriften en boeken over steden en architectuur staan meestal prachtige panorama’s van steden of goed uitgekozen perspectieven van een gebouw of een ensemble. Ook toekomstige ontwikkelingen worden op een vergelijkbare wijze in renderings en animaties gevisualiseerd. De architect presenteert zijn ontwerp altijd als een volledige en ideale compositie. Echter wanneer je door een stad loopt, zie je altijd fragmenten van gebouwen, willekeurige uitsneden van gebouwdelen die voor, achter en naast elkaar staan. Deze fragmenten bestaan meestal uit niet-ontworpen stapelingen. Deze composities – de willekeurige stapelingen – ontstaan dus alleen vanuit het perspectief van de beschouwer. Vanuit zijn persoonlijk perspectief ziet hij stedelijke constructies die niet ontworpen zijn. Steden die gebouwen herbergen die een grote diversiteit in schaal en hoogte hebben kunnen hierdoor soms een verrassende compositie oproepen van bouwwerken die er ‘eigenlijk niet zijn’. In de Nederlandse traditie waar een stedenbouwkundig plan wordt dichtgetimmerd in bouw- en goothoogte is dit praktisch onmogelijk.

Apollinaire

In 1910 introduceerde de Franse dichter Guillaume Apollinaire de term Amfionie als een nieuwe kunstvorm die het sublieme van de stad in kaart zou brengen. Het instrument van deze kunst en zijn materiaal is een stad, waarbij het erom gaat een gedeelte van die stad te doorlopen en wel zo dat in de ziel van een amfion, de beoefenaar van deze kunst, gevoelens worden opgewekt die behoren tot het schone en het sublieme, zoals muziek, poëzie en kunst dat doen. Kijken naar gebouwen die er niet zijn en die toch de stedelijke ervaring inkleuren. De stad als een kunstwerk dat zich steeds op een andere manier toont, afhankelijk van de positie vanwaaruit je het bekijkt. Marcel Duchamp parafraserend zou je kunnen zeggen dat de stadswandelaar in zijn perceptie het kunstwerk van de stad creëert. En wat kan je hier als architect nu mee? Een architect bouwt gebouwen, echter de ruimtelijke kwaliteit in een stad zit tussen de gebouwen. Net zoals een componist het over de beweging van een klank tussen de noten heeft. Stravinsky verwoordde het als volgt: ‘het fenomeen muziek is ons enkel en alleen gegeven om een orde aan te brengen in zaken, speciaal in de betrekkingen tussen mens en tijd’. Zo zou architectuur ook moeten zijn.

Amfionische registratie

Net zoals een componist het over de beweging van een klank tussen de noten heeft, zou een architect /stedenbouwer het over het steeds veranderende perspectief op de stad kunnen hebben. Toen wij met diverse (luchtgebonden) dakwoningen boven op bestaande gebouwen bezig waren, viel het mij op dat je hiermee het perspectief op de stad kan veranderen. Omgekeerd boden sommige perspectieven ook de suggesties van gestapelde gebouwen.
Als voorbeeld kan de amfionische registratie van gebouwen aan de Kapitein de Rijkstraat in Scheveningen dienen. Foto 1 is genomen vanaf de entree van een nabijgelegen supermarkt. Vandaaruit zie je de penthouses op pakhuis Nautilus boven op de nieuwe uitbouw van Radio Holland en boven op de traptreden van het verhoogde plein staan. Alsof het één compositie is. In werkelijkheid (wat is werkelijkheid in deze context?) zijn het drie bouwwerken achter elkaar: de treden van het plein, de uitbouw van radio Holland de en luchtgebonden woningen die boven op het pakhuis geplaatst zijn (foto 2). En hoewel ik zowel het ontwerp voor de penthouses (2005) als de transformatie van het gebouw Radio Holland (2015) gedaan heb, was de gewaarwording van dit perspectief vanuit de supermarkt voor mij een verrassing. Het standpunt vanuit de huidige winkel was, toen ik de ontwerpen maakte, niet eens te betreden. Zo bestaan er veel van dit soort plekken die de stad vanuit een heel ander perspectief laten zie en daarmee ook een verrassende compositie laten zien (foto 3).

Ruimte voor toeval

Terwijl de discipline architectuur zo gebiologeerd is door regelmaat, herhaling en systeem, zijn het juist deze toevalligheden die een stedelijke ervaring verrijken en die gekoesterd moeten worden. Verwijzend naar Marcel Duchamp zou je kunnen zeggen: de stad ontstaat in de (toevallige) perceptie van de toeschouwer. Tegelijkertijd kunnen we constateren dat een eenvormig stedenbouwkundig stempelplan nog nooit een Amfionische sensatie teweeg heeft gebracht. En voor een architectuurdebat zou het niet verkeerd zijn om dit als een gemis te ervaren.

Toen wij zo’n vijfentwintig jaar terug begonnen met studies voor de transformatie van de haven van Scheveningen, stelden wij als eerste voor om de stedenbouwkundige randvoorwaarde van een maximale bouwhoogte te mogen interpreteren als een maximaal bouwvolume, dat als communicerende vaten te kneden zou zijn in hoge en lage gedeeltes. In plaats van één horizontale lijn ontstaat zo een gedifferentieerd volume, iets wat een natuurlijk gegroeide stad automatisch heeft. Wat mij in veel steden opvalt, is dat de beleving van een plek helemaal niet om die specifieke plek gaat, maar om de beweging van de ene plek naar de andere. Het spel van de stad komt tot uiting in die beweging. Dit bewegen van plek naar plein, via laan en park of arcade kan het perspectief op de stad steeds laten kantelen. Een stad met een grote diversiteit van ‘stapelingen’ geeft een grotere rijkdom dan het statische beeld van een gefixeerde goothoogte in vijf varianten van historisch gekleurd baksteen voorzien. De stedenbouwkundige voorwaarden die bij zo’n benadering passen zijn heel goed in een algoritme te vertalen waarmee je vrij eenvoudig een rijkere ervaring van de stad kan genereren.

Tekst: Eric Vreedenburgh, Archipel ontwerpers
Fotografie: Gerrit Schreurs

Dit artikel is gepubliceerd in ArchitectuurNL nummer 4 van 2016

Gerelateerd

Tags: , , , , , ,

    Schrijf een reactie