1000 jaar verstedelijking in Nederland

1000 jaar verstedelijking in Nederland

Exposities, Nieuws
Door: Petra Starink | 21-04-2015

Van 23 april tot en met 17 mei is in Architectuurcentrum Rondeel in Deventer de reizende tentoonstelling 1000 jaar verstedelijking in Nederland te zien. De expositie maakt onderdeel uit van de bijeenkomstenreeks ‘Atlas op tournee’. Op deze tournee worden stedelijke opgaven in onder andere Delft, Almere, Deventer en Apeldoorn onder de loep genomen door architecten en stedenbouwkundigen. De expositie zal op 23 april worden ingeleid door de heer J. E. Abrahamse, een van de auteurs van de Atlas van de verstedelijking in Nederland.

Groei en krimp

In 2014 publiceerde de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) samen met de TU Delft de Atlas van de verstedelijking in Nederland. De kaarten in deze Atlas illustreren de extreme verschillen in groei en krimp van de 35 grote steden in Nederland. Tot 1400 had Deventer meer inwoners dan Amsterdam. Plaatsen als Apeldoorn en Hengelo waren in 1500 nog niet eens zichtbaar op de kaart. Inmiddels zijn de verhoudingen omgedraaid en staat Deventer op de 27ste plaats als er gekeken wordt naar het aantal inwoners.

Ruimtelijke vraagstukken

Hoe kan het dat je als een van de rijkste Hanzesteden in de 14 eeuw, deze positie daarna uit handen moet geven aan de Hollandse steden en in de 18e eeuw zelfs te maken krijgt met krimp en hoe verging het andere steden. De expositie ‘1000 jaar verstedelijking in Nederland’ plaatst deze ruimtelijke vraagstukken in perspectief. De reizende expositie was al eerder te zien in Delft, Deventer, Almere, Amersfoort en Utrecht.

Van 23 april tot en met 17 mei in Architectuurcentrum Rondeel.

Openingstijden van dinsdag t/m zondag 13.00-17.00 uur.

Adres: Stromarkt 18c, Deventer.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Ontvang iedere week het laatste nieuws en informatie op het gebied van architectuur in uw mailbox.

Gerelateerd

Tags: , ,

    Schrijf een reactie

    Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.