De kracht van keramiek – tegeltableaus in architectuur

project in context

De kracht van keramiek – tegeltableaus in architectuur

Door: Anka van Voorthuijsen | 28-10-2016

Het tegeltableau rukt op in de openbare ruimte. Ontwerpers en architecten gebruiken de decoratieve kracht van keramiek graag. Nieuwe technieken zorgen voor meer en beter betaalbare mogelijkheden. Tegels hebben een lange levensduur en zijn gemakkelijk in onderhoud. Esthetisch zijn de mogelijkheden onbegrensd, zo bewijzen enkele inspirerende recente toepassingen.

Het was een onooglijke steeg, het wordt zonder twijfel een enorme toeristische trekpleister. De Beurspassage tussen de Nieuwendijk en het Damrak ondergaat momenteel een metamorfose. Met een vloer van terrazzo-werk, een plafond van glasmozaïek en tegeltableaus met ingebakken bladgoud langs de wanden verandert de viezige doorgang in een bijna hallucinerend totaalkunstwerk, dat in december voor iedereen te zien is. Het wordt het grootste kunstwerk van Amsterdam, volgens opdrachtgever Bouwinvest. ‘Een klassieke passage, maar dan helemaal van deze tijd.’ Titel van het werk: Amsterdam Oersoep.

Amsterdam Oersoep

Het kunstwerk is een hommage aan de Amsterdamse grachten en laat de geschiedenis van die grachten zien, in duizenden glimmende steentjes en tegels. Het idee en ontwerp komen uit de koker van drie kunstenaars: Hans van Bentem, Iris Roskam en Arno Coenen; de laatste twee zijn als kunstenaarsduo ook bekend van het kleurrijke ‘Hoorn des Overvloeds’, in de Rotterdamse Markthal. Aanvankelijk wilde Bouwinvest in de Amsterdamse passage alleen een kunstwerk aan de muur. Dat zou een gemiste kans zijn, stelde Jeroen Everaert van het Rotterdamse kunstadviesbureau Mothership, dat in de beginfase bij de plannen was betrokken en een pitch organiseerde, die door Roskam, Bentem en Coenen werd gewonnen. Everaert: ‘Kunst kan een immens grote pr-waarde aan een ruimte meegeven. Bezoekers komen deze passage bekijken, bezoeken de winkels, maken foto’s, plaatsen die op social media en dat trekt weer nieuwe mensen die het werk willen zien én ook klandizie voor de winkels zijn.’

Voor de eeuwigheid

Bouwinvest liet zich overtuigen en de drie kunstenaars ontwikkelden hun ideeën. ‘We zijn alle drie dol op keramiek’, zegt Iris Roskam. ‘Het is een mooi traditioneel materiaal en het is echt voor de eeuwigheid. Weersbestendig, kleurvast. Vroeger moest alles met de hand worden beschilderd en zou zo’n ontwerp veel te arbeidsintensief en kostbaar worden. Nu ontwerpen we op de computer, en álles, zelfs goudluster, kan op die tegels worden geprint. Je kunt het zo gek maken als je wilt.’ De passage krijgt behalve de tableaus ook nog door Bentem ontworpen goudkleurige kroonluchters die zijn samengesteld uit fietsonderdelen. ‘Fantastisch, helemaal over the top’ karakteriseert Solke Pasveer van MaatwerkTegels uit Utrecht, dat de tegels leverde voor het ontwerp. ‘Dit is echt voor de eeuwigheid. Gezeefdrukt goud, een dun laagje ingebakken, dit gaat nooit meer weg.’ Ook Roskam is lyrisch over het voorlopige resultaat, dat eind 2016 klaar moet zijn. ‘In de Markthal stond het materiaal al vast dat we moesten gebruiken. Aluminium panelen, die door ze te bakken een soort emaillen uitstraling hebben. Ook mooi, maar echt tegelwerk is toch heel iets anders. Al die kleuren, allemaal hand geglazuurd, hand gezaagd. Hier zit zoveel liefde én vakmanschap in, dit heeft zo’n rijke uitstraling. Alles kan met keramiek, je kunt het tegenwoordig zo gek maken als je wilt. Ik zeg: meer, meer, meer!

Onbegrensde mogelijkheden

Pasveer van MaatwerkTegels signaleert een revival: veel architecten kloppen bij hem aan omdat ze speciale tegels willen gebruiken in hun ontwerpen. ‘Tegels hebben een lange levensduur, ze zijn gemakkelijk in onderhoud en esthetisch zijn de mogelijkheden onbegrensd’, verklaart hij de populariteit. De hang naar duurzaamheid correspondeert goed met de kwaliteit van tegelwerk: ‘Een antieke tegel van Delftsblauw is nog steeds geen Delfts grauw. Er kunnen stukken vanaf zijn, maar de kleur is nog steeds perfect. Ingebakken decoraties zijn absoluut uv-bestendig en tegen alle heftige schoonmaakmiddelen bestand.’ Aan zo’n geglazuurde en gebakken tegel hecht bovendien niets, dus bijvoorbeeld vuil en graffiti kunnen eenvoudig worden verwijderd. Nieuwe technieken, waarbij kleurpigment (gemalen glas) via een transfervel op een tegel wordt overgebracht en daarna wordt mee gebakken op hoge temperatuur, maken het mogelijk om per tegel een uniek ontwerp te maken, zonder dat er kostbaar handschilderwerk aan te pas komt. Het bedrijf van Pasveer levert veel halffabricaten (transfers) aan keramisten en andere bedrijven, die de afbeeldingen vervolgens zelf inbakken. Het keramische kleurpigment is relatief kostbaar, net zo als de digitale printers, die bovendien snel slijten doordat het pigment eigenlijk bestaat uit kleine glasdeeltjes. Maar ontwerpers zijn slim, zegt Pasveer: ‘Als je wat stand alone afbeeldingen verspreid over een betegelde wand, heb je met drie vierkante meter gedecoreerde tegels bijvoorbeeld een hele tunnel opgevrolijkt en is het toch betaalbaar.’

Hilton Hotel Schiphol

Pasveer: ‘Architecten waren aanvankelijk nogal terughoudend. In het begin was het allemaal heel subtiel qua kleur en vorm, maar we zien nu dat de ontwerpen steeds wilder worden. Voor het Hilton Hotel Schiphol hebben we witjes met Delftsblauwe afbeeldingen bedrukt. Dat is een fantastische overdaad aan beelden die je ziet.’ Het ontwerp voor de wanden in de open keuken van het Hilton is van architect en ontwerper Isra Paez, die het ontwerp maakte voor architectenbureau Mecanoo. Paez koos voor tegels. Deels als een eerbetoon aan de Nederlandse tegeltraditie, zegt hij. ‘Daarom heb ik ook voor het blauw gekozen, als referentie aan Delfts blauw aardewerk, maar dan wel met eigentijdse afbeeldingen en symbolen.’ De tweede reden om voor tegels te kiezen was pragmatisch: ‘Ik zocht naar een materiaal dat makkelijk en goed schoon te maken was omdat de wanden in een open keuken zijn geplaatst die intensief wordt gebruikt en intensief wordt schoongemaakt.’
Hij ontwierp drie wanden van ongeveer 2.50 bij 5.00 meter voor de open keuken van het hotel. Paez liet zich inspireren door allerlei elementen en activiteiten die zich op en rond de luchthaven afspelen, attributen die met Aziatisch eten te maken hebben en de Hollandse cultuur. De éne wand laat helikopters, luchtballonnen, fietsen, koffers etc. zien: ‘Een georganiseerde chaos als metafoor voor het dagelijks leven op Schiphol’, aldus de architect. Op de tweede wand zijn in dezelfde stijl getekende hapjes te zien van dumplings tot vissen en sushi als ‘viering van de 21e eeuwse gastronomische ervaring.’ Op de Hollandse wand (uiteraard) fietsen, windmolens, grachtenpanden maar ook een Rietveldstoel en bijvoorbeeld een detail uit een schilderij van Mondriaan. Het zijn verleidelijke tegelwanden, waar je naar blijft kijken en zoeken wat er allemaal in verborgen zit, om steeds weer iets nieuws te ontdekken. De tekeningen werden door Pasveer via transfers op de tegels gezet. Luxe, functionaliteit en een creatief statement in één, vindt Paez.

Tunnel Amsterdam CS

Ook bij Koninklijke Tichelaar in Makkum merken ze dat architecten sinds enige tijd weer enthousiast gebruik maken van tegels in hun ontwerpen. ‘Voor praktisch gebruik, voor sanitair en keukens, zijn tegels natuurlijk nooit weg geweest, maar om tegels en tableaus vooral vanuit esthetische overwegingen toe te passen, is echt een trend’, zegt Hilco Vos van Koninklijke Tichelaar. Het bedrijf maakt sinds een aantal jaren geen standaard producten op voorraad meer, maar werkt alleen op projectbasis. ‘Juist daar is veel belangstelling voor’, zegt Vos. ‘Architecten kunnen zich hiermee onderscheiden en dat vinden ze belangrijk. Wat wij samen met hen ontwikkelen, kom je nérgens anders tegen.’ De fiets- en voetgangerstunnel onder het Centraal Station in Amsterdam is voorlopig een absoluut hoogtepunt van wat er aan tegeltableaus in de openbare ruimte te zien is in Nederland. Het tableau werd handgeschilderd in Makkum. Eén wand van de 110 meter lange tunnel is voorzien van ‘Zeegezicht aan het IJ’, een bewerking van een 18e eeuws tegeltableau van Cornelis Bouwmeester door vormgever Irma Boom. Het betegelen van voetgangers- en fietserstunneltjes is al tientallen jaren populair. Het ziet er beter uit dan betonnen wanden, graffiti-artiesten laten de vlakken meer met rust en zo niet, dan is een tegelwand goed schoon te maken. Vaak worden buurtbewoners betrokken bij het ontwerp, soms gaat de opdracht naar professionele ontwerpers.

Metrostations Oostlijn  Amsterdam

Architectenbureau GROUP A is betrokken bij de renovatie van de 16 metrostations van de Oostlijn in Amsterdam en koos voor het aanbrengen van tegels en tableaus op alle stations. Het metronetwerk dateert uit de jaren zeventig en is uitgevoerd in ‘brutalistische beton-architectuur’, omschrijft architect Maarten van Bremen. Het betonwerk wordt schoongemaakt, de verrommelde stations worden ‘opgeruimd’ en als contrast met het ruwe en grove materiaal komen op alle stations ‘gladde en glimmende wanden van mooi geglazuurd tegelwerk.’ In samenspraak met Koninklijke Tichelaar werd een serie nieuwe tegels ontworpen, deels met een iriserende glazuur op een steenstrip tegel, dat volgens Van Bremen voor een parelmoerachtig regenboog-effect zorgt als het licht erin reflecteert. René Knip ontwierp voor elk station een tegeltableau met de eigen halte-naam. Daarnaast krijgt een aantal stations nog een door Knip ontworpen tableau, met een afbeelding van wat je zou kunnen zien als soort geabstraheerd metronetwerk.

Van Bremen: ‘De Oostlijn had vroeger echt een eigen totaal identiteit, met asbakken en prullenbakken en bewegwijzering. Die originele elementen zijn voor een deel door de jaren heen verloren gegaan. De tegeltableaus zijn straks weer een verbindend element en versterken het idee van één lijn, terwijl de stations ook nog echt allemaal een eigen identiteit hebben. Zo is er toch sprake van verbijzondering per station.’ Dat de metrostations van wereldsteden oorspronkelijk allemaal tegeltableaus hadden met de namen van de haltes, was niet de reden om hiervoor te kiezen, zegt van Bremen. ‘Het was geen teruggrijpen op een traditie, het ging ons om de gladde en contrasterende uitstraling.’

Sociale woningbouw Delfshaven

Nadia Jellouli-Guachati, architect bij XS2N-architects in Veldhoven, verwerkte opvallende tegeltableaus in een cpo-project (Biz Botuluyuz) met Turkse bewoners in Delfshaven. Jellouli- Guachati: ‘Dit was sociale woningbouw in een stedelijke vernieuwingswijk aan de onderkant van de markt. Dat is helaas vaak arm in detaillering. Door een subsidie konden we iets extra’s doen.’ Bij de entrees van de woningen kwamen opvallende tegeltableaus, met tulpen, allemaal afbeeldingen die afkomstig zijn van Anatolische kunstwerken. ‘De bewoners wilden graag iets met hun Turkse identiteit en ik wilde die verbinden met, en in, een Nederlandse stad. De tulp lijkt een cliché, de meeste mensen verbinden de bloem met Nederland, maar de tulp is oorspronkelijk afkomstig uit Turkije, de tulp staat in die cultuur voor de mooie dingen van het leven en legt tegelijkertijd de verbinding met de Nederlandse cultuur.’ Zo’n tegeltableau maakt een entree rijker, vindt ze. ‘Het krijgt meer allure. De hal is een gezamenlijke entree, belangrijk bij je gevoel van thuiskomen, daar wilde ik iets heel moois van maken.’

Villa Vonk Hoogvliet

Cecilia Gross, architect bij VenhoevenCS verwerkte tegelwerk in het ontwerp van een school in Hoogvliet, Villa Vonk. ‘Met tegels kun je verfijnde gevelelementen ontwerpen. Het is een kleinschalig element met een grote variatie in kleur en textuur, elke tegel is uniek. Zo ontstaat een bijzondere huid voor het gebouw en hebben we bepaalde onderdelen, zoals de entree, gemarkeerd.’

Keramisch pigment

De transfer-techniek, waarbij keramisch pigment op een tegel wordt overgebracht en daarna wordt ingebakken, zorgt dat er unieke tegels ontstaan, zonder dat er handschilderwerk aan te pas komt. Pasveer van MaatwerkTegels is dé specialist op dat gebied in Nederland. Veel tableaus komen uit zijn bedrijfshal. Wat ziet hij veel? ‘Een historische foto in de hal van een nieuw appartementencomplex, die laat zien hoe die locatie er vroeger uit zag. Of een tegeltableau met de naam van een gebouw die refereert aan vroeger. Dat zorgt voor extra identiteit bij een appartementencomplex, een winkelcentrum of een kantoor.’ In opdracht van de gemeente Utrecht werden de afgelopen jaren 14 schilderijen (stadsgezichten) op tegeltableaus overgebracht. Ze hangen precies op de plek waar de schilder destijds moet hebben gezeten. Pasveer: ‘Aanvankelijk had de gemeente een kopie van één schilderij op een plaat achter glas gezet, maar dat zag er al snel niet meer uit door vocht. De tegeltableaus blijven prachtig. Mooier dan het origineel, volgens sommigen.’ Lachend: ‘Dat kan. We hebben de gele waas er een beetje afgehaald en de kleuren soms net iets heftiger gemaakt. Zo’n tableau mag best shinen in de openbare ruimte.’

Groninger Museum

Sinds de revitalisatie van het Groninger Museum, is het Mendini-paviljoen bekleed met gekleurde keramische tegels. Dat was oorspronkelijk ook de bedoeling van de architect, maar uit bezuinigingsoverwegingen werd begin jaren negentig gekozen voor trespa-beplating. Na 15 jaar was er van het aanvankelijke kleurenpalet dat Alessandro Mendini ontwierp, nog slechts een fletse afspiegeling over. Bij de renovatie van 2010 was er wel budget voor panelen van keramiek, en het resultaat is verbluffend. ‘Kostbaarder, maar ook duurzamer’, zegt Hilco Vos van Koninklijke Tichelaar, dat de tegels produceerde. Mendini zelf is lyrisch over het resultaat. De oude panelen werden overigens hergebruikt voor een tijdelijk paviljoen op de Grote Markt. Mendini Sinds de revitalisatie van het Groninger Museum, is het Mendini-paviljoen bekleed met gekleurde keramische tegels. Dat was oorspronkelijk ook de bedoeling van de architect, maar uit bezuinigingsoverwegingen werd begin jaren negentig gekozen voor trespa-beplating. Na 15 jaar was er van het aanvankelijke kleurenpalet dat Alessandro Mendini ontwierp, nog slechts een fletse afspiegeling over. Bij de renovatie van 2010 was er wel budget voor panelen van keramiek, en het resultaat is verbluffend. ‘Kostbaarder, maar ook duurzamer’, zegt Hilco Vos van Koninklijke Tichelaar, dat de tegels produceerde. Mendini zelf is lyrisch over het resultaat. De oude panelen werden overigens hergebruikt voor een tijdelijk paviljoen op de Grote Markt.

Tekst: Anka van Voorthuijsen

Dit artikel is gepubliceerd in ArchitectuurNL nummer 5 van 2016

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Ontvang iedere week het laatste nieuws en informatie op het gebied van architectuur in uw mailbox.

Gerelateerd

Tags: , , , , , , , , , , , , , , ,

    Schrijf een reactie

    Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.