Blauwe draad

Blauwe draad

Door: Redactie ArchitectuurNL | 02-04-2013

Water loopt als een ‘blauwe draad’ door de geschiedenis van de Hoeksche Waard, ontdekte Ronnie Kuiper, architect/partner bij Van Hoogevest architecten, toen hij zich voor de restauratie van het streekmuseum in Heinenoord verdiepte in de historie van het gebied. Die blauwe draad loopt nu als een lichtgevend snoer door de gerestaureerde schuur, die zo grondig is gereviseerd dat de ruimte aan alle museale condities voldoet.

Water heeft door de eeuwen heen een belangrijke rol gespeeld in de Hoeksche Waard, dat iets ten zuiden van Rotterdam ligt. Tijdens de Elizabethvloed (1421) en de watersnoodramp (1953) overstroomde een deel van het gebied. Het water bracht armoede en ellende. Maar de inpoldering in de 16e eeuw leverde de streek juist vruchtbare landbouwgrond en dus rijkdom op. Na de watersnoodramp werd besloten de cultuurhistorie van het gebied zoveel mogelijk veilig te stellen in een streekmuseum. De collectie kwam moeiteloos tot stand. Het draagvlak onder bewoners, bedrijven en regionale overheden was groot en van alle kanten kwamen objecten naar de initiatiefnemers toe.

Het duurde tot 1968 voor de snel uitdijende collectie een mooie plek kreeg, in ’t Hof van Assendelft, een historische buitenplaats en voormalige rentmeesterwoning in Heinenoord. De direct daarachter gelegen boerderij Oost Leeuwenstein had in de beginjaren nog een agrarische functie, maar maakt sinds eind jaren zeventig ook deel uit van het streekmuseum. Toen de voor de streek zo typerende middenlangsdeelboerderij (tevens rijksmonument) vrijkwam, kocht de gemeente de opstallen (schuur en zomerhuis) en mocht het museum de schuur als expositieruimte in gebruik nemen. Het leverde een logische splitsing van de collectie op. In het chique Hof van Assendelft is sindsdien het ‘rijke leven’ te zien van de vroegere welgestelde Hoeksche Waarders: veel ceremonieel zilverwerk, sieraden, textiel, serviesgoed en kostbare huisraad van bijvoorbeeld de heren die ooit in de polderbesturen zaten. De kathedrale afmetingen van de boerderij maakte het mogelijk om ook aandacht te geven aan een ander aspect van de samenleving: het armere leven en harde werken van de boeren en landarbeiders. In de schuur kwamen de omvangrijkere stukken uit de collectie te staan zoals boerenkarren, een voormalig winkelinterieur en gereedschap. Bouwkundig verkeerde de stal echter in steeds erbarmelijker staat en in 2004 viel het doek: op last van de brandweer moest dit deel van het museum sluiten. De rieten kap was toen allang niet waterdicht meer, zegt directeur Belle van den Berg van het museum, maar desondanks stond de schuur propvol: ‘veel mensen schonken spullen en die waren er steeds bij gezet, het raakte voller en voller.’

Projectgegevens

LocatieHofweg 13, Heinenoord
OntwerpVan Hoogevest Architecten, Amersfoort
ProjectarchitectRonnie Kuiper
OpdrachtgeverHW Wonen, Oud Beijerland
AannemerAannemingsbedrijf Nico de Bont, Vught
Bruto vloeroppervlakte1310 m2
Bruto inhoud7394 m3
Bouwperiodejuni 2011-december 2012
Bouwkosten€ 1.755.000
TekstAnka van Voorthuijsen
FotografieFrank Hanswijk

Doorstart

Een paar jaar geleden werd er een commissie ‘doorstart’ in het leven geroepen. De gemeente verkocht boerderij Oost Leeuwenstein voor een symbolisch bedrag aan het museum, dat het weer doorverkocht aan woningcorporatie HW Wonen onder voorwaarde dat die flink zou investeren in restauratie van de boerderij. HW Wonen had daarvoor 1 miljoen beschikbaar, maar dat bleek onvoldoende om zowel boerderij als zomerhuis aan te pakken. Er werd een poging gedaan om het extra benodigde geld binnen te halen via de tv-serie ‘het mooiste pand van Nederland’, maar de inzending van het streekmuseum haalde niet de finish en liep dus ook het prijzengeld van 1 miljoen euro mis. Maar een subsidieaanvraag bij de provincie Zuid Holland en de Europese Unie in het kader van plattelandsontwikkeling (POP2) leverde wel 1,2 miljoen euro op. Dat betekende dat het architectenbureau aan de slag kon.

De boerderij was eeuwenlang gebruikt voor de huisvesting van ruim twintig koeien die mest voor het land leverden, er stonden een paar trekpaarden voor de landbouwwerktuigen en er was veel opslagruimte voor landbouwgewassen. Delen van de boerderij stammen uit de 17e eeuw, andere stukken zijn 18e en 19e eeuws. De koeien stonden in een zogenaamde grup (goot)stal, waarbij de poep in een goot terecht komt. De boerderij was zó gebouwd dat die goot afliep naar achteren en de mest makkelijk weg kon. Het betekende voor architect Ronnie Kuiper dat hij te maken kreeg met een hoogteverschil van ruim anderhalve meter tussen het voorhuis en de achterkant van de schuur. Dat probleem is opgelost door een enorm podium te maken in het midden van de ruimte: een nieuwe, verhoogde vloer, die uiteraard wel waterpas is. ‘Een catwalk’ noemt Ronnie Kuiper dat gedeelte zelf. Een prachtig podium voor de museale objecten, dat natuurlijk ook prima echt als catwalk te gebruiken is, mocht er bijvoorbeeld ooit een modeshow van streekklederdracht worden gehouden.

Transparante compartimentering

De afmetingen van de schuur zijn immens, en de architect laat die kubieke meters volledig tot hun recht komen. De wanden die zijn geplaatst om de grote ruimte enigszins te compartimenteren zijn glazen balustrades, die vanwege hun transparantie de ruimte niet breken. Bezoekers komen binnen via de oude schuurdeuren, waarachter een nieuwe glazen entree is geplaatst. Direct daarna bevindt zich aan de éne kant een houten receptiebalie en aan de andere kant een garderobe en toiletgroepen. De voormalige grupstal is nu koffiehoek, de voormalige voederbakken zijn met kussentjes te gebruiken als zitplaats. De conceptuele blauwe draad – ledverlichting – bevindt zich in de balustrades en zorgt deels voor een blauw waas door de prismawerking van de glazen panelen. Centrepiece in de enorme ruimte is een nieuwe transparante luchtbrug over bijna de gehele lengte van de schuur. En ook daar domineert de blauwe draad en ‘verdwijnende’ glazen panelen. Aan begin en einde van de loopbrug is door een grotere breedte extra expositieruimte gecreëerd.

De schuur is tegenwoordig volledig geïsoleerd, beveiligd en geklimatiseerd en nu als volwaardige museumruimte te gebruiken. De rieten kap werd helemaal vervangen, waarbij de isolatie tussen de verschillende lagen riet werd geplaatst, zodat die onzichtbaar is. Van binnenuit kijkt de bezoeker dus tegen het riet aan, en vernieuwd rachelwerk. Ook de imposante steunbalken van de schuur en de jukken waar het gewicht van het dak op hoorde te rusten, waren bouwkundig erg slecht, zegt Kuiper. Daardoor drukte het gewicht van het dak eigenlijk al jaren op de buitenmuren, die daardoor in de loop der tijd helemaal naar buiten waren gedrukt. De restauratie van Oost Leeuwenstein was deels een ambachtelijke restauratie, zegt de architect. Nieuwe kap, nieuwe balken, een aantal nieuwe bakstenen om de vloer aan te helen en het houtwerk moest worden behandeld tegen ongedierte. Om aan de strenge klimatologische eisen te voldoen die horen bij een museale omgeving werden nieuwe binnenmuren geplaatst waardoor veel techniek en isolatie uit het zicht kon verdwijnen. De buitengevels werden weliswaar schoongemaakt en gerestaureerd, maar lelijke pijpjes en technische ruimtes zijn fraai weggewerkt: de rijksmonumentale status is hier geen geweld aan gedaan. Toch is het pand qua techniek van binnen nu echt 21e eeuws, en zit er nu dus ook een lift in.

Bijgebouwen en tuinen

Het voorhuis van Oost Leeuwenstein werd ook gerestaureerd. Daarbij kwamen nog wat fraaie tegeltableaus tevoorschijn, waarvan de ouderdom nog moet worden vastgesteld. In het voorhuis wordt een stijlkamer met meubilair uit de eigen collectie ingericht, die ook te bezoeken zal zijn. Leuk detail: een nieuwe houten buitendeur sluit nu precies aan bij de uitgesleten natuurstenen drempel. Het museum hoopt sommige ruimtes ook commercieel te kunnen gaan verhuren. Alle ruimtes zijn – na gedegen kleuronderzoek – weer in historische kleuren geschilderd. In de voormalige keuken van het voorhuis is achter de monumentale houten kastenwand (voormalige bedstedes) nu moderne keukenapparatuur geplaatst: die pantry’s zijn natuurlijk noodzakelijk voor eventuele verhuur en de exploitatie van de koffiehoek. In het voorhuis komen ook de werkkamers van het eigen kantoorpersoneel, de directeur heeft straks fraai uitzicht vanuit de opkamer. De aan het plafond bevestigde moderne kokerlampen zijn door ze qua kleur bij de plafonds aan te laten sluiten enigszins gecamoufleerd. Hier en daar zijn radiatoren, stopcontacten of sensoren wel erg opvallend en in kleur sterk contrasterend aanwezig. Maar wie ziet dat straks nog, als hier gewerkt wordt.

Het zomerhuis, dat op een paar meter afstand staat van de boerderij, werd vroeger door de boerenfamilie bewoond in de drukke zomermaanden. Veel werk op het land betekende weinig tijd om in huis te poetsen. Veel boerderijen hebben dus zo’n klein zomerhuis op het erf, het veel grotere voorhuis ging gedurende de zomermaanden op slot.

Het zomerhuis van Oost Leeuwenstein heeft twee volwaardige ruimtes en een lage zolder en zal dienst gaan doen voor de educatieve activiteiten van het museum. Hier kunnen kinderen kennis maken met het huishouden zoals dat vroeger werd gedaan: op de hand wassen, mangelen, wecken. Een aantal huishoudelijke objecten uit de collectie krijgt hier een plek. De ruimte zal waarschijnlijk ook gebruikt worden voor kinderfeestjes, zegt directeur Belle van den Berg. Als laatste onderdeel van deze grootscheepse operatie wordt de tuin aangepakt. Landschapsarchitectuurbureau Ars Virens, dat in de Hoeksche Waard is gevestigd, heeft pro Deo historisch onderzoek gedaan naar de tuinen. Nu ligt er een nieuw plan waarbij kenmerkende historische elementen, zoals de onderverdeling in een siertuin en een nutstuin, terug zullen keren. Er komen bloemen, maar natuurlijk ook een boomgaardje en een moestuin. Kunnen ze tijdens een kinderpartijtje straks zelf jam gaan maken op Oost Leeuwenstein.

Gerelateerd

Tags:

    Schrijf een reactie

    Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.