Kantoor en woningen De Woonmensen, Apeldoorn

Kantoor en woningen De Woonmensen, Apeldoorn

Project
Door: Redactie ArchitectuurNL | 17-10-2007

Projectgegevens

OntwerpDoeke van Wieren
OpdrachtgeverDe Woonmensen, Apeldoorn
HoofdaannemerNikkels Bouwbedrijf, Twello
Constructeur Ingenieursbureau Peree, Deventer
Adviseur installaties Ontwerp- en Adviesbureau Kamperman, Groenlo
ProgrammaKantoor 3500 m², onderhoudswerkplaats, 7 appartementen, 1 stadsvilla en een parkeergarage (50 pp)
Start ontwerp 1999
Oplevering December 2006
Bruto vloeroppervlakte 7000 m², incl. 2000 m² parkeerkelder
Bouwkosten€ 8.500.000 excl. BTW
Leverancier gevelbekleding Van Stokkum, Venlo
TekstEgbert Koster
Foto'sHarry Noback

Het nieuwe onderkomen van woningcorporatie De Woonmensen heeft een complexe volume-opbouw. De onwaarschijnlijke combinatie van stedenbouwkundige randvoorwaarden dwong architect Doeke van Wieren tot een omkering van het ‘form follows function’-principe. Op virtuoze wijze arrangeerde hij een combinatie van wonen, werken en parkeren binnen de voorgeschreven envelop.

Het pand ligt aan de rand van het centrum, op de hoek van het Apeldoorns Kanaal en de oostelijke uitvalsweg (Deventerstraat). Hoewel het nu vrij staat is het ontworpen als ‘kop’ van een groot toekomstig woonblok evenwijdig aan het kanaal. Stedenbouwkundig neemt het bouwvolume een dubbelzinnige positie in. De twee relatief kleine vooruitgeschoven volumes aan de straatzijde sluiten qua maat en schaal aan bij de lintbebouwing van vrijstaande woningen aan weerszijden van de uitvalsweg. Het veel bredere en hogere hoofdvolume maakt de schaalsprong naar het toekomstige, veel grootschaligere woonblok op het achterterrein.

Op de plek van het gebouw zelf stond voorheen een garagebedrijf. Achter de garage lag een groot bedrijventerrein dat momenteel, op basis van een stedenbouwkundig masterplan van Rein Geurtsen, in hoog tempo in een woonwijk transformeert. Aangezien deze woonwijk wordt begrensd door het Apeldoorns Kanaal heeft het pand van Woonmensen tevens de functie van poortgebouw van het nieuwe woongebied.
Behalve 3500 m² kantoor en een onderhoudswerkplaats bevat het gebouw zeven appartementen, een ‘vrijstaande’ stadsvilla en een ondergrondse parkeergarage voor vijftig auto’s. Het kantoor bestrijkt de onderste drie bouwlagen. De zeven appartementen liggen op de vierde en vijfde bouwlaag, aan weerszijden van een gemeenschappelijk dakterras. De stadsvilla betreft de twee verdiepingen van het vooruitgeschoven zinken bouwvolume aan de Deventerstraat.

Coulisse
De compositie van het bouwvolume was tot in detail vastgelegd in het stedenbouwkundig masterplan. Hoewel het gebouw oogt alsof het is ontworpen op basis van het ‘form follows function’-principe, is in werkelijkheid precies het omgekeerde het geval. Projectarchitect Doeke van Wieren van GDA Architecten (voorheen Gunnar Daan Architecten) ontwierp het gebouw niet ‘van binnen naar buiten’ maar arrangeerde de verschillende onderdelen van het programma van eisen zo optimaal mogelijk binnen de voorgeschreven envelop. Hierbij had hij niet alleen te maken met twee onlogische uitstulpingen aan de straatzijde ter plaatse van een voormalig vrijstaand woonhuis (de zinken stadsvilla) en de gesloopte showroom van de garage (nu woonwinkel), maar ook met een ongebruikelijk diep hoofdvolume (25 meter) waar geen conventionele kantoorindeling in te maken valt. Het stedenbouwkundig masterplan schreef zelfs voor dat de voorgevel van het hoofdvolume hol diende te worden en als een coulisse achter de gereconstrueerde bouwvolumes van het woonhuis en de showroom moest komen te staan.
Van Wierens oplossing van deze puzzel is verrassend helder. In het kantoor liggen alle werkkamers rondom aan de buitengevels. De middenzone bevat aan de ene kant een grote publiekshal met vide en aan de andere kant de onderhoudswerkplaats op de begane grond en een grote vergaderzaal op de eerste verdieping. Daartussen bevindt zich het centrale stijgpunt. Ter hoogte van de tweede verdieping zorgen twee patio’s voor daglicht in de middenzone. De twee uitstulpingen aan de straatzijde en de daartussen gelegen serre bieden onderdak aan bijzondere functies (woonwinkel, zorgkantoor, bijeenkomst- annex exporuimte) en de directievleugel.

Locatie-specifiek
Voor de materialisatie heeft Van Wieren zoveel mogelijk gebruik gemaakt van natuurlijke materialen. Niet alleen om esthetische redenen maar ook als verwijzing naar het oorspronkelijke natuurlijke karakter van de locatie: het voormalige landgoed Welgelegen waar het Apeldoorns Kanaal halverwege de negentiende eeuw buitenom werd uitgegraven. Van Wieren: “Niemand begrijpt nu nog waarom het kanaal op deze plaats zo’n rare bocht maakt. Dat komt doordat de freule indertijd dwars lag. Ik vind het een verrijking van de gebouwde omgeving om dit soort historische gelaagdheid zichtbaar te maken. Bij de aanleg van het bedrijventerrein is het landgoed volledig weggeshoveld en nu er een nieuwe woonwijk komt blijft ook van het bedrijventerrein geen spoor meer over.” Waar het de gangbare praktijk is om gebouwen functie-specifiek te ontwerpen is het volgens Doeke van Wieren zinniger om gebouwen locatie-specifiek te ontwerpen. “De functies van gebouwen veranderen steeds sneller maar hun locatie is blijvend. Kijk maar naar het gebouw van Woonwensen. Daar zou de tweede verdieping oorspronkelijk een woonfunctie krijgen, maar in verband met een fusie is op het laatste moment besloten om hem bij het kantoor te trekken.”
In de praktijk zit het locatie-specifieke karakter van het corporatiekantoor echter veel meer in de complexe, context-gerelateerde compositie van het bouwvolume dan in het natuurlijke karakter van de toegepaste materialen. Het gebruik van natuursteen, zink, hout, schoon beton en rvs is anno 2007 eerder modieus dan locatie-specifiek te noemen. Dit neemt niet weg dat de opzet, ruimtelijke structuur en detaillering van het gebouw wel degelijk zeer doordacht en origineel zijn.

     

Gerelateerd

Tags:

    Schrijf een reactie

    Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.