ArchitectuurNL 01 2017 – pag. 28

ArchitectuurNL 01 2017 – pag. 28

Door: | 29-04-2021

loodrecht bezien deze juist grotendeels
groengrijs is. ‘Zo weten de kinderen als ze
buiten in de tuin zijn waar ze zich bevinden,’
verklaart Drost. ‘In de tuinen staan hekken
bij de afdelingen van de jongste jeugd het
dichtst bij de gevel. Dit voorkomt dat er bij hen
vervreemding onstaat. De nabijheid van de
gekleurde gevels zorgt voor een gevoel van
vertrouwdheid.’
De directeur van de school wil een verbinding
aangaan met de omgeving en vroeg aan de
architect een school ‘met een eigen smoel’
omdat ‘deze kinderen er ook bij horen’. Daarom
verbijzonderde Drost het entreegebied met
een beeldmerk. Het optische effect is hier
omgedraaid: grijsgroene balken springen
naar voren vanuit een geeloranje gekleurd
veelhoekig ‘speelgoedachtig’ element. Drost
ontleende haar kleurkeuze aan herfstbladeren:
‘Je zou misschien van oordeel zijn dat die tinten
vrij vaal of dof zijn, maar als je ze analyseert zijn
ze in werkelijkheid juist fel.’

Menging en scheiding
Links en rechts van de centrale receptie
bevinden zich twee entrees. Zo kunnen
de jonge kinderen van het reguliere
kinderdagverblijf Bijdehand en van
kinderdagcentrum Myosotis voor kinderen
met een verstandelijke beperking naar de

linkervleugel van het gebouw. Inmiddels is er
in deze vleugel daadwerkelijk sprake van een
menging van de kinderen.
Zeer moeilijk opvoedbare en lerende
kinderen, zogenoemde ZMOLK’ers, kunnen
via de rechterentree onmiddellijk via een trap
naar boven. Met het oog op de veiligheid,
is hun ruimte is meer afgezonderd van de
overige ruimte binnen Máximaal. ZMOLK’ers
hebben vaak moeite met het beteugelen
van hun agressie. Daarom is hun afdeling
vandalismebestendig uitgevoerd. Ramen in de
gangen bevinden zich op hoogte in de wanden.
‘Dat is overigens te verkiezen boven blinde
muren,’ vertelt Drost, terwijl zij in de gymzaal
een raamstrook van de ZMOK-afdeling op
de verdieping aanwijst. De gymzaal beslaat
twee bouwhoogtes en bevat onder meer een
klimwand. De entree naar de zaal ligt naast de
receptie.

Brasserie
In de brasserie achter de receptie doet een
deel van de jongeren horecaervaring in de
keuken op. De brasserie wordt niet slechts
bezocht door mensen die direct met Máximaal
te maken hebben; ook ouderen uit het iets
verderop gevestigde appartementencomplex
komen er nu en dan een hapje eten. ‘Hoewel
het eerst de bedoeling was dat het personeel

van Máximaal over een eigen, afgesloten
personeelsruimte zou beschikken, is in de
praktijk gebleken dat ze voor gezamelijke
bijeenkomsten en lunches juist liever de
brasserie benutten,’ stipt Drost aan. Een houten
podium in de brasserie is afsluitbaar door een
gordijn en toegankelijk vanuit de geluidsluwe
muziekruimte in de vleugel erachter.

Contact met buiten
Naast de keuken in de brasserie beschikt elke
gebouwvleugel ook over een keuken voor de
groep. Daarnaast bevindt zich op de verdieping
onder meer een wasserette. Drost: ‘Kinderen
leren hier hun eigen was te draaien en netjes
op te vouwen. Deze voorziening vloeit voort
uit het onderwijsconcept en het duurzame
ontwerpuitgangspunt. De was hoeft niet te
worden verzorgd door een externe partij.’
Alle ruimten die op minder langdurig verblijf
zijn gericht, zoals de wasserette, maar ook
snoezelruimten, de keukens en therapieruimten
bevinden zich in het binnenste van de vleugels,
waaromheen de lusvormige verkeersruimte
loopt. De ruimten waar de kinderen veel
langduriger verblijven bevinden zich aan de
buitenzijden van de vleugels. Zo hebben de
kinderen over het algemeen steeds visueel
contact met de lommerrijke omgeving.

1

28ArchitectuurNL Tekst Stefan van Hoek Fotografie Roos Aldershoff

26-27-28-29_maximaal.indd 28 23-01-17 09:15

Gerelateerd