ArchitectuurNL 01 2018 – pag. 38

ArchitectuurNL 01 2018 – pag. 38

Door: | 29-04-2021

8

gaat natuurlijk ook over duurzaamheid: 19% van alle energie die wereldwijd wordt opgewekt, wordt
gebruikt voor kunstlicht. ‘Een goed lichtplan heeft invloed op het energieverbruik in een gebouw.
Maar licht heeft ook invloed op de prestaties van mensen, hoe zij zich voelen.’ Er is steeds meer
aandacht voor de mens, ook in de werkomgeving, zegt Siderius. ‘We vinden het toch tegenwoordig
heel normaal dat iedereen z’n eigen bureau en bureaustoel perfect kan instellen op zijn eigen
lichaam. Maar we hangen het plafond gewoon helemaal vol standaard verlichting, want dat is het
makkelijkst en het goedkoopst. Als we maar voldoen aan de minimum normen, dan is het wel goed.
Daar zit je dus de hele dag onder en daar kan je zelf helemaal niets aan instellen.’

Tolerantie
Siderius: ‘We kunnen als mens in een hele slechte omgeving toch functioneren, dat valt ons
nauwelijks op. We hebben een extreme tolerantie, ook al werken we in een omgeving met heel
hard licht en overal slagschaduwen.’ Voor een lichtontwerper is het bijvoorbeeld van de gekke dat
bijna alle kunstlicht in een gebouw, vanuit het plafond komt. Dat er geen rekening wordt gehouden
met hoe dat licht reflecteert op verschillende materialen of kleurvlakken. Gelijkmatigheid is bij
verlichting vaak het uitgangspunt. ‘Terwijl het heel veel uitmaakt of licht via een witte tafel wordt
gereflecteerd, of via zwarte vloerbedekking.’ Een lichtontwerper bedenkt wat het licht moet ‘doen’
in een bepaalde ruimte, wat moet worden benadrukt, welke uitstraling en sfeer wil je ergens
hebben, welke taken moeten waar worden uitgevoerd? ‘Licht is onderdeel van de architectuur, of
je het via koven, het plafond, de vloer of de wanden regelt, dat heeft invloed op hoe een gebouw
eruit gaat zien. Bovendien vraagt het veel overleg. Een plafond zit vól installaties en roosters, dat
moet allemaal op elkaar worden afgestemd om het beste resultaat te krijgen.’
Bij een proefopstelling is het steeds weer een verrassing wat het licht doet in een bepaalde ruimte
of bij een bepaald materiaal. ‘Dat zijn soms cadeautjes.’ Arup heeft een paar ‘daglichtgoeroes’,
zoals Siderius haar collega’s met een kwinkslag omschrijft, in dienst. ‘Zij werken in een vroeg
stadium samen met de architect. Dus hoe het gebouw er uiteindelijk uitziet, wordt mede bepaald
door hun lichtontwerp.’

Daglicht prioriteit
Er gaat niets boven daglicht, daar wil ze geen twijfel over laten bestaan. ‘Daglicht moet de focus
zijn en prioriteit hebben bij het ontwerpen. Alle architecten letten daarop en proberen zowel de
daglichttoetreding als het uitzicht te optimaliseren. Er is veel onderzoek gedaan en de positieve
effecten van daglicht zijn wel bewezen. Bijvoorbeeld in een ziekenhuis: mensen in een vleugel met
veel daglicht herstelden sneller.’ Daglicht, zo variabel als het is, past het best bij onze constitutie
als mens, zegt Siderius. ‘Maar in de praktijk zitten we allemaal bijna de hele dag binnen. En wat
doet het met je als je de hele dag onder constant 200 lux zit in plaats van onder dat variabele
daglicht van wel 20.000 lux? Dat het niet optimaal is, lijkt me duidelijk. Maar welk effect het heeft, is
wetenschappelijk veel moeilijker te onderbouwen.’

6

7

Goede verlichting geeft rust, stelt Siderius. Een
goed voorbeeld daarvan vindt ze een eigen
project van Arup, de openbare bibliotheek
Amsterdam. ‘Daar is een groot contrast tussen
de verlichting in het centrumgedeelte met
de roltrappen en de ruimtes met boeken.
Bewegwijzering en verlichting zijn zo op een
hele logische manier aan elkaar gekoppeld.’
Datzelfde ervaart ze soms ook in de openbare
ruimte, bijvoorbeeld op de Grote Markt in
Antwerpen: ‘De begrenzing is verlicht, de
gebouwen, niet het plein zelf. Door die manier
van verlichten definieer je de ruimte en ervaar
je de ruimtelijkheid van het plein veel beter.’

38ArchitectuurNL Tekst Anka van Voorthuijsen

36-37-38-39_lichtontwerp.indd 38 05-02-18 13:47

Gerelateerd