ArchitectuurNL 01 2019 – pag. 47

ArchitectuurNL 01 2019 – pag. 47

Door: | 29-04-2021

Favoriet Nederlands gebouw? CH: Het Schip in Amsterdam van Michel de
Klerk. Een hybride gebouw met uitstekende details en materiaalgebruik.
FH: Van Nellefabriek van Brinkman en Van der Vlugt. Tijdens mijn
studietijd in Delft heb ik hier architectuurrondleidingen gegeven. Op alle
niveaus, van logistiek tot belettering, blijf ik het overweldigend vinden.
JO: Rietveld Schröderhuis. Radicaal, ruimtelijk, slim en doordacht. Nog
steeds modern.
Favoriete architect? CH: Mies van der Rohe – zijn ruimtes en details zijn
nog steeds goede referenties. FH: Ludwig Mies van der Rohe. JO: Le
Corbusier. De combinatie van schrijver, kunstenaar en architect. Hij was
zijn werk.
Favoriete hedendaagse architect? CH: Herzog & de Meuron – altijd
interessante concepten en hoe ze materialen inzetten en verder
ontwikkelen. FH: Ik ben altijd benieuwd welke oplossingen OMA en BIG
vinden voor het verbinden van complexe programma-onderdelen. Ik vind
dit meestal niet ‘mooi’ maar wel leerzaam. JO: Geen.
Favoriete Nederlandse architect? CH: Huig Maaskant – mooie
vormgeving, herkenbaar en goede materiaalcombinaties. FH: Wiel Arets
JO: Rem Koolhaas. Het fascineert me hoe zijn bureau eigenlijk een
opleiding op zich is geworden, met zoveel succesvolle studenten.
Wanneer niet in Nederland, vanuit welk land zouden jullie dan willen
werken? CH: Mijn partners delen een fascinatie voor Japan. Ik zou
hiernaartoe met hun mee gaan. FH: Zwitserland. Om met heel veel
middelen heel veel te bereiken. JO: Uganda of Kenia. Met weinig
middelen veel kunnen betekenen.
Wat zou je nooit ontwerpen? CH: ‘Nooit iets ontwerpen’ bestaat bij mij
niet. Alles heeft zijn parameters, uitdagingen en er valt altijd iets te leren.
FH: Er is geen opdracht die ik niet zou doen. JO: Een eigen huis. Geen
wrijving, geen glans.

Wat irriteert je het meest in het vak? CH: Dat het tegenwoordig meteen
heel technisch gaat worden en dat in besprekingen af en toe meteen wat
stappen overgeslagen worden. Een zorgvuldig bedacht concept is nog
altijd de best werkende basis voor elk gebouw of project en dat te volgen
en te bewaken door het hele traject – dat is de kunst. FH: Onderschatting
van de werkzaamheden en van het belang van het werk van een
architect en onderschatting van het ontwerp- en bouwproces. JO: Dat
zekerheid voor kwaliteit gaat. En dat daarom de bureaus die de meeste
opdrachten krijgen niet per definitie de beste architecten zijn en de beste
gebouwen bouwen.
Wat is je droomopdracht? CH: Daar werken we elke dag aan. FH: Een
opdracht van ‘stoel tot stad’, waarin alle schaalniveaus en disciplines wat
concept, materialisering en detaillering betreft, op elkaar reageren. JO:
Van elke opdracht kan je een droomopdracht maken.
Belangrijkste inspiratiebron buiten architectuur? CH: Mode en kunst.
FH: Mode, textiel, textuur en kleur in tuinen, tuinen en hun relatie met
de bebouwing. De Japanse tempelcomplexen zijn hiervan natuurlijk een
prachtig voorbeeld. JO: Kinderen, kunst en een paar goede boeken.
Meest waardevolle advies ooit? CH: Vertrouw op jezelf. FH: Niet
ontwerpen. Veel ingrediënten liggen al in de vraag of de context en de
beperkingen besloten. JO: Beter traag en goed, dan snel en slecht.

8 en 9. Uitbreiding hoofdkantoor IFF Hilversum. Er is gekozen om de
bestaande relatie tussen het gebouw uit de jaren ’70 en de rijk begroeide
omgeving te versterken. Omdat de uitbreiding half verdiept in het landschap
ligt, worden werkplekken en laboratoria ondergebracht in een open
werklandschap. Patio’s zorgen voor daglichttoetreding, contact met de
natuur en de mogelijkheid om in het gebouw naar buiten te gaan.

8

47 ArchitectuurNL

9

42-43-44-45-46-47_platform.indd 47 21-01-19 14:45

Gerelateerd