ArchitectuurNL 01 2019 – pag. 57

ArchitectuurNL 01 2019 – pag. 57

Door: | 29-04-2021

Het cliché dat zijn ontwerpen nog steeds modern zijn, wordt gelogenstraft door Weelde van de
eenvoud. De woonkamers ogen als een tijdcapsule met Rietvelds Zigzagstoelen en Spectrum
sofa’s van Martin Visser. Toch is het boek actueel. ‘In 1958 zei Rietveld: Hoe groot zou de
vooruitgang kunnen zijn als men eens genoeg kreeg van deze overdaad, en men het geluk zou
vinden in de weelde der soberheid’, citeert Bronkhorst. ‘Dat zou ook op tiny houses kunnen slaan.’
Hoewel Rietveld vooral particuliere woonhuizen ontwierp – ‘het was lange tijd zijn voornaamste
inkomstenbron,’ – lag zijn hart bij volkswoningbouw. Daarom heeft Bronkhorst ook de Robijnhof
(1958) in Utrecht geselecteerd. ‘Hoewel groter in schaal is dit wooncomplex zeer gedetailleerd
afgewerkt. Zo heeft de buitengevel een golvende kraag op elke verdieping, zodat het regenwater
geen lelijke strepen achterlaat.’

Communistische sympathieën
Ook bijzonder is Parkhurst House in de Amerikaanse staat Ohio, het enige woonhuis op
buitenlandse bodem en dat nu voor het eerst is gedocumenteerd en gefotografeerd. Deze
‘vergeten Rietveld’ wijkt op veel punten af van het oorspronkelijke ontwerp, onder meer door
verkleinde raampartijen en een afwijkend materiaalgebruik. Ook zijn er door de jaren heen
aanpassingen aan exterieur en interieur aangebracht, waardoor Amerikaans comfort samenvloeit
met Hollands calvinisme. ‘Rietveld heeft het overigens nooit kunnen bezoeken, omdat hij een
inreisverbod had vanwege vermeende communistische sympathieën.’
Over de toekomst van sommige Rietveldhuizen is de samensteller-fotograaf somber. ‘Veel huizen
zijn ooit aan de rand van de stad gebouwd in het groen maar zijn inmiddels opgeslokt door gewilde
villawijken. Op een forse kavel staat dan zo’n relatief kleine bungalow met verouderd interieur en
relatief hoge onderhoudskosten. De verlokking om het te slopen voor een drie keer grotere villa
met energielabel A is groot.’ Maar vooralsnog trekken de Rietveldhuizen nog steeds een bepaald
slag bewoners. Het echtpaar dat in 1990 Huis Smit aan de Lek kocht, liet de woonvertrekken in
originele staat – ‘de koelkast is nog uit 1949!’ – maar bouwde in de enorme kelder een moderne
wellness-spa. ‘Maar dat kan niet altijd.’
Lang niet alle huizen staan op de monumentenlijst; de interieurs zijn in principe onbeschermd.
Het boek roept de vraag op in hoeverre deze interieurs kunnen worden aangepast. Telt vooral de
ruimtelijke ervaring van zijn architectuur? Of zijn juist de materiële details een wezenskenmerk
van zijn ontwerpen? Of gaat het om de oorspronkelijke visie om sober te wonen? Bronkhorst:
‘Een nieuwe bewoner haalt als eerste vaak de keuken en badkamer eruit. Het is de kunst om een
Rietveldhuis enigszins aan te passen aan de moderne tijd, maar toch vooral terughoudend te zijn
met grote ingrepen. Niet iedereen is geschikt om er te wonen.’

1. Gerrit Rietveld: Weelde van de eenvoud /
Wealth of sobriety. Foto’s Arjan Bronkhorst.
Teksten Willemijn Zwikstra, Marc van den
Eerenbeemt, Ida van Zijl. ISBN 978 90 8213 54
66. € 59. 528 blz. 2. Houten vakantievilla van
de familie Verrijn Stuart aan de Loosdrechtse
plassen, gebouwd in 1941 en nog grotendeels
in originele staat. 3. Hal in Huis van Dantzig in
Santpoort (1960). 4. Granieten keldertrap in Huis
Smit (1949) in Kinderdijk. 5. Parkhurst House
in Ohio (1961) is in dit boek voor het eerst is
gedocumenteerd en gefotografeerd.

3

4 5

57

BOEK

56-57_rietveld.indd 57 21-01-19 16:04

Gerelateerd