ArchitectuurNL 02 2019 – pag. 35

ArchitectuurNL 02 2019 – pag. 35

Door: | 29-04-2021

Wat direct opvalt op het Campinaterrein in Eindhoven is de typerende
kwaliteit van de Zuivelcoöperatie-architectuur. Die is terug te zien in de
voormalige fabrieksgebouwen. Ze zijn opgetrokken in architectuur uit
de wederopbouwperiode. Kenmerkend is de lichte kleur bakstenen,
veel lichtinval en een lichte dakconstructie (fuséedaken). Optimistisch
en vrolijk. Interessant van buiten en verrassend van binnen. Het idee
is een deel van de bestaande gebouwen te demonteren en binnen
de herontwikkeling een nieuwe plek te geven. De meest waardevolle
gebouwen – waaronder die met de recent verkregen gemeentelijke
monumentenstatus, zoals de imposante bakstenen fabrieksschoorsteen –
worden middels transformatie behouden.

Team ‘De Zuivelfabriek’ bestaat uit BPDi, Studioninedots, Delva LA,
Hoesbergen|Advies en BOEi. Het gezelschap is zich ervan bewust dat
de plannen voor het Campinaterrein op zijn best de mogelijkheden
en richtingen schetsen waarheen het met het terrein kan gaan. Een
dergelijke ontwikkeling neemt al gauw vijftien jaar in beslag. Dat
maakt de transformatieopgave tot een spannende ontdekkingsreis.
Een avontuur dat ‘De Zuivelfabriek’ graag aangaat met de gemeente
Eindhoven en haar bewoners.

Koppositie Brainport
Het ontwerpteam boog zich over het transformatievraagstuk onder meer
vanuit de wetenschap dat een stad als Eindhoven jaarlijks duizenden
nieuwe expats van over de hele wereld aantrekt. Talent dat de stad
graag duurzaam aan zich wil binden om de koppositie van Brainport vast
te houden. Bij een dergelijke ambitie horen vragen als hoe dergelijke
wereldburgers willen leven en hoe een moderne stad eruit moet zien om

de dynamiek en snelheid van de bedrijven waar Brainporttalent werkt,
te kunnen bijbenen. Welke voorzieningen en woonmilieus moet zo’n
stad aanbieden om talenten te verleiden zich binnen haar grenzen te
vestigen? En wat geeft deze groep – buiten een economische bijdrage –
terug aan het alledaagse leven in Eindhoven?
Buiten deze doelgroep is Eindhoven ook een stad die het hoofd moet
bieden aan de grote maatschappelijke vraagstukken van deze tijd. Hoe
om te gaan met het groeiend aantal ouderen die de stad moet verzorgen
en huisvesten bijvoorbeeld. Hoe zorg je ervoor dat deze groep op een
betekenisvolle manier kan blijven deelnemen aan de samenleving. En
wat kunnen we doen aan eenzaamheid binnen deze groep? Ook deze
vraagstukken maken onderdeel uit van de Campinaterreinvisie, evenals
die over starters, sociale huurwoningen, huisvesting voor gezinnen en de
woon/werkcombinatie. De plannen moeten gerealiseerd worden in zowel
het huur- als het koopsegment.

Geen straten en stoepen
Team ‘De Zuivelfabriek’ wil van het Campinaterrein een plek maken
waar de gebouwde omgeving zich vormt naar de mens en niet naar de
auto. Een plek zonder straten en stoepen, maar met gezamenlijke vrije
ruimte met hoge verblijfskwaliteit, die aanleiding geeft tot ontmoeting en
programma. Auto’s – in bezit of gedeeld, want dit is bij uitstek een plek
voor shared mobility concepten – hebben een plek in ‘mobiliteitscentra’
aan de rand van de buurt. Parkeren, 50 meter lopen, en je bent thuis.
Laden en lossen kan uiteraard gewoon voor de deur. Mocht de vraag
naar parkeerplekken in de toekomst afnemen of juist toenemen (door
zelfrijdende auto of het succes van shared mobility), dan kan zo’n
mobiliteitscentrum heel flexibel meegroeien of juist krimpen.

Adaptief en circulair
Die flexibiliteit is in de optiek van het team een vanzelfsprekendheid.
Het enige wat immers vaststaat, is dat alles voortdurend verandert. ‘De
Zuivelfabriek’ geeft richtingen aan. Niet meer dan dat. Het team wil
het te ontwikkelen gebied zoveel adaptief vermogen meegeven, dat
het zich duurzaam aan nieuwe wensen, eisen en verwachtingen kan
aanpassen. Daarnaast ziet ‘De Zuivelfabriek’ in de nieuwe wijk uitgelezen
mogelijkheden om de kansen van een duurzame, circulaire economie
optimaal te benutten.

2 3

1-3. De huidige kanaalzone is grijs en kent veel industrie. Recreatief gezien
oninteressant, zowel op als langs het water. De belangrijkste gebouwen
worden behouden, de andere ontmanteld. Het materiaal zal worden
hergebruikt bij de inrichting van het terrein.

35 ArchitectuurNL

Stedenbouwkundige viSie

34-35-36-37_campina.indd 35 27-03-19 16:09

Gerelateerd