ArchitectuurNL 02 2019 – pag. 41

ArchitectuurNL 02 2019 – pag. 41

Door: | 29-04-2021

ARCHI-
TECTEN
DIE HET

MERK BNA
VOEREN,

LATEN ZIEN
DAT ZE DE
GEDRAGS-
CODE VAN

DE BNA
IN ACHT
NEMEN

Keurmerken:
Het nieuwe certificeringsmerk
en het nieuwe collectieve merk

De keuze voor een soort materiaal of manier van bouwen wordt steeds meer ingegeven door
factoren zoals duurzaamheid of bepaalde andere kwaliteitskenmerken. Deze kenmerken kunnen
worden aangeduid met een keurmerk. Voorbeelden van in de bouw in gebruik zijnde keurmerken
zijn FSC, KOMO, DUBOkeur® en PEFC. Opdrachtgevers zijn mogelijk eerder geneigd te kiezen voor
producten of diensten met een keurmerk, door de zekerheid die daarmee wordt geboden.

Het woord ‘keurmerk’ is spreektaal. De merkenrechtelijke term was tot 1 maart 2019 ‘collectief
merk’. Sindsdien bestaat het oude ‘collectieve merk’ niet langer. Er is een nieuw merk in het leven
geroepen: het ‘certificeringsmerk’ en de regelgeving rond het oude collectieve merk is aangepast.
Voor Europese merken bestaat deze aanpassing sinds 1 oktober vorig jaar.

Het nieuwe certificeringsmerk
Het certificeringsmerk is een kwaliteitsmerk en geeft aan dat de merkhouder garandeert dat
de producten of diensten, die onder het merk worden aangeboden, aan bepaalde eisen en/of
kenmerken voldoen. Bijvoorbeeld kwaliteitscriteria of bepaalde productiemethodes. Het KOMO-
keurmerk is daar een goed voorbeeld van. Daarvoor is nodig dat het merk wordt geregistreerd als
certificeringsmerk.

Voorwaarde voor het registreren van een certificeringsmerk is dat de persoon of organisatie die
het merk registreert (de merkhouder), niet zelf producten of diensten levert met dit merk. De
merkhouder mag alleen het gebruik van het merk beheren en controleren.

Daarom moet bij de registratie van een certificeringsmerk een reglement over het gebruik van het
merk wordt bijgevoegd. In dit reglement wordt onder andere opgenomen welke kenmerken door
het merk worden gecertificeerd, onder welke voorwaarden je het merk mag gebruiken en hoe de
merkhouder toeziet op het juiste gebruik van het merk.

Collectief merk
Het nieuwe ‘collectieve merk’ mag sinds 1 maart 2019 alleen nog door leden van een vereniging
worden gevoerd. De vereniging is bij een collectief merk zelf de merkhouder en het merk is dus
bestemd om producten of diensten afkomstig van leden van die vereniging aan te duiden en te
onderscheiden.

Een voorbeeld hiervan zou het merk ‘BNA’ kunnen zijn. Alhoewel ‘BNA’ alleen nog als
individueel merk is geregistreerd, zou het ook als collectief merk kunnen gelden als het zo wordt
ingeschreven. De architecten die het merk BNA voeren in hun externe communicatie, laten hiermee
zien dat ze bijvoorbeeld de gedragscode van de BNA in acht nemen.

Een collectief merk kan ook door een vereniging van producenten geregistreerd worden. Om
bijvoorbeeld aan te duiden dat de producten afkomstig zijn uit een bepaalde streek. Met het
nieuwe collectieve merk mag namelijk, in tegenstelling tot het certificeringsmerk, de geografische
herkomst worden aangeduid.

RECHT VOLGENS RUBY

41 ArchitectuurNLTekst Ruby Nefkens, advocaat intellectueel eigendom, ICT, design, architectuur, kunst, media

41_ruby.indd 41 27-03-19 15:26

Gerelateerd