ArchitectuurNL 02 2019 – pag. 46

ArchitectuurNL 02 2019 – pag. 46

Door: | 29-04-2021

openbare vuurplaats te ontwerpen voor een strand bij Almere. ‘Dat zou
je kunnen zien als een van de 21 eilanden.’ Maar grote bouwopdrachten
zijn er niet. Covini, lachend: ‘Architectuur is nu eenmaal traag.’ Wel is
Studio Ossidiana door het Atelier Rijksbouwmeester gevraagd om
onderzoek te doen naar innovatieve toepassingen zonnepanelen in een
stedelijke omgeving in Utrecht. ‘Zonnepanelen zijn nu zo lelijk dat ze
verstopt moeten worden op het dak of aan de achterkant van gebouwen.
Voor het verduurzamen van bijvoorbeeld monumentale gebouwen zijn
ze daardoor onbruikbaar. Behalve als je van de panelen een decoratie
maakt.’
Dit onderzoek resulteerde in twee suggesties, die niet alleen duurzaam
zijn maar ook een huiselijke intimiteit in de openbare ruimte introduceren.
Kleine fragmenten van zonnepanelen worden als decoratieve elementen
geïntegreerd in beton en straattegels. ‘Hiermee kunnen we stenen
tapijten integreren in het straatbeeld.’ Daarnaast worden de panelen
verwerkt in grote doeken die voor de monumentale gebouwen kunnen
worden gehangen. ‘Deze gordijnen kunnen bijvoorbeeld worden
gesloten als een de bewoners er niet zijn, waardoor het gebouw wordt
onttrokken aan het straatbeeld. Zo ontstaat een spannend spel tussen
publiek en privaat. Bovendien stellen we onaantastbaarheid van deze
monumenten ter discussie.’

Crisisarchitectuur
Covini studeerde in Milaan en Lissabon en behaalde haar master
Architectuur aan de Technische Universiteit Delft. Ook Bellotti studeerde
aan de TU Delft en haalde zijn masters aan de IUAV Universiteit in
Venetië; aansluitend ronde hij het SMArchS program af, een post-
graduate aan de Massachusetts Institute of Technology (MIT) in Boston.
Ondanks de buitenlandse achtergrond van het duo is Studio Ossidiana

geworteld in de recente Nederlandse architectuurhistorie, beginnend
bij de iconische architectuur van de ‘Super Dutch’, met als tegenreactie
een pragmatische crisisarchitectuur waarin juist kleinschalige bottom-
up initiatieven en transformatie-opgaves domineerden. De afgelopen
paar jaar is er een hernieuwde interesse in vooral de maatschappelijke
meerwaarde van architectuur, met een herwaardering voor de materiële
kwaliteiten.
‘Wij zijn eigenlijk door al deze drie stromingen beïnvloedt’, aldus Bellotti.
‘De verleiding die van schoonheid kan uitgaan inspireert ons, net als
de menselijke maat. Architectuur moet tenslotte genereus zijn en mens
en samenleving dienen. Maar we hebben ook een sterke focus op
materialiteit en functionaliteit.’ Wat hen dan toch Nederlandse architecten
maakt? ‘Een onderzoekende en kritische houding.’ Daarvoor waren ze
tentslotte ook naar Nederland gekomen; of eigenlijk: naar de TU Delft.
‘Hier is de aandacht voor de publieke ruimte ongekend. In Italië draait in
stedenbouw alles om preservatie. Al hebben de pleinen en speelplaatsen
wel weer een belangrijkere sociale functie dan in Nederland, waar
de drang om te vernieuwen veel groter is. Maar het proces waarmee
die vernieuwing tot stand komt, is veel democratischer in Nederland.
Architectuur is hier iets van ons allemaal.’

Favoriet historisch gebouw? Topkapi Paleis in Istanboel, met zijn
ommuurde tuinen en keramische ornamenten op de vloer en de muren.
Het doet denken aan een versteend kamp, waarin de tapijten op de vloer
of muren van een Ottomaanse tent worden omgezet in harde materialen.
Een betoverende architecturale vertaling van verhalen.
Favoriet hedendaags gebouw? Cedric Price’s Snowdon-volière in London
Zoo, dat zijn tijd vooruit is in het onderzoeken en vertegenwoordigen

6

46ArchitectuurNL Tekst Jeroen Junte Fotografie Kyoungtae Kim en Majda Vidakovic

5

42-43-44-45-46-47_platform.indd 46 27-03-19 16:22

Gerelateerd