ArchitectuurNL 03 2019 – pag. 62

ArchitectuurNL 03 2019 – pag. 62

Door: | 29-04-2021

Ontwerpen in het
post-antropoceen

Edwin Gardner en Christiaan Fruneaux onderzoeken mogelijke

nieuwe werkelijkheden. Dan is hokjesdenken een belemmering.

Studio Monnik noemen zichzelf dan ook geen ontwerp-, advies-

of onderzoeksbureau, maar toekomstdenkers. ArchitectuurNL

wil weten hoe architecten zich beter kunnen voorbereiden

op de toekomst, maar krijgt meteen een tik op de vingers:

‘Architecten moeten in het post-antropoceen meer ruimte

geven aan wat níet gecontroleerd kan worden.’

Vooruitzicht van Studio Monnik voor de
komende decennia: De mens wordt steeds
minder een productieve factor in een
productieproces waarin automatisering en
robots veel werk over zullen nemen. Dit leidt in
eerste instantie tot toenemende werkeloosheid
in het middenkader, en uiteindelijk tot een
systeemcrash. In diezelfde tijd verandert onze
huidige – op bezit gerichte maatschappij (ik
heb) – geleidelijk in een samenleving die
gericht is op authenticiteit en narratieven
(ik ben). ‘Werkelijkheid’ en ‘mensheid’ zijn
speculatieve begrippen geworden, doordat
kunstmatige intelligentie en trans-humane
technologie onze huidige denkkracht en fysieke
beperkingen steeds verder zullen oprekken
in een toenemend subjectieve wereld die is
opgebouwd op steeds persoonlijker ervaringen.

Drie observaties:
1. Dapper, dat Studio Monnik (relatief) concrete
uitspraken doet over de toekomst.
2. Interessant, dat deze voorspellingen niet
bijzonder ideologisch of ethisch gekleurd zijn.
3. De steeds minder productieve mens – in
bovenstaande voorspelling – omvat dus ook de
architect.

Functies vervagen
Om een beeld te krijgen van de rol van
architecten binnen dit toekomstperspectief,
moeten we allereerst weten waar mensen
in 2030 zullen wonen, werken, leven. ‘De
grenzen tussen vakdisciplines, programma
en gebruikers zullen verder vervagen’, aldus
Studio Monnik. ‘In een niet al te verre toekomst
betekent dat voor architecten dat zij rekening
moeten houden met onderwijs dat zich niet op
school afspeelt, zorg die niet in ziekenhuizen
wordt gegeven en sociale interactie die niet
via woningbouw of openbare ruimte wordt
gegarandeerd’, aldus Monnik. Ontwerpen
zij dan nog wel gebouwen? ‘Misschien wel’,
zegt Studio Monnik, ‘maar die gebouwen
hebben dan minder sterk bepaalde functies.’
Denk aan het programma dat Schipper Bosch
ontwikkelt in De Nieuwe Stad in Amersfoort
– als bureau was Studio Monnik betrokken
in de brainstormfase van dit project. Het
parkeergebouw naar ontwerp van Barend
Koolhaas kan in de toekomst tot woningbouw
worden omgewerkt.

Evenwichtige verdeling van bezit
Dat is een valkuil van toekomst voorspellen:
hoe concreter het wordt, hoe groter de

open deur. ‘Daarom is het belangrijk niet
te snel concreet te worden, maar eerst de
scenario’s zover mogelijk door te denken. In
dit geval realiseren we ons dan dat denken
in termen van fluïde ruimtelijke programma’s
te klein gedacht is. Belangrijker vragen zijn:
hoe kunnen we waarde toevoegen aan die
programmatische functies en welke kaders
moeten daarbij leidend zijn?’ Voor Studio
Monnik is een toekomst die duurzaam en
inclusief is vanzelfsprekend. Welke indicatoren
en gebeurtenissen kunnen dan een rol spelen?
‘Voorbeeld: bij een inclusieve, rechtvaardige
stad hoort ook een eerlijke en evenwichtige
verdeling van bezit. Het herzien van het
erfrecht, dat al eeuwenlang reguleert dat bezit
blijft waar het is, zou een enorme omwenteling
van rijkdom en invloed tot gevolg hebben.’
Daarmee is het spectrum – dat begon vanuit
flexibele programmering van gebouwen
– door middel van speculatieve scenario’s
aangevuld met een potentieel nieuw areaal
aan opdrachtgevers na een herverdeling
van bezit. Dit is precies de bedoeling van het
World Tree Model – vanuit uiteenlopende
historische en wetenschappelijke vertrekpunten
en aandachtsvelden ruimte bieden aan
speculatieve toekomstmodellen op maat.

62ArchitectuurNL

TOEKOMSTDENKERS

62-63-64-65-66_monnik.indd 62 06-06-19 10:18

Gerelateerd