ArchitectuurNL 05 2017 – pag. 51

ArchitectuurNL 05 2017 – pag. 51

Door: | 29-04-2021

stad’ dat zelfs kan uitgroeien tot ‘een nieuwe woontypologie’. Al moesten
daarvoor nog wat kleine aanpassingen worden gedaan. ‘De straten zijn
verbreed van twee naar 3,2 meter, waarvan nu slechts 1,20 meter straat
is en 2,00 meter privéstrook van bewoners. ‘De collectieve straat is nu
feitelijk smaller al wordt dat niet zo beleefd.’
Voor de realisatie werkt Boodt samen met ontwikkelaar AM. ‘De
praktische uitvoering van mijn ontwerp is echt een uitdaging’, zegt
hij in alle eerlijkheid. Deze samenwerking verloopt goed, al moet de
architect soms voor zijn ontwerp staan. ‘Een ontwikkelaar kijkt ook
heel terecht naar de kosten en haalbaarheid van een project.’ Zo is
om energieverbruik te verlagen de gevel minder open. Ook bleken
de gezellige straatklinkers die Boodt voorstelde ingewikkeld toe te
passen, omdat het dakpakket te dik wordt. ‘Nu zijn we naar alternatieve
materialen op zoek.’ Al vallen de concessies in de praktijk reuze mee.

Lege garageboxen
Door het straatleven om het gebouw heen naar boven te wikkelen,
versterkt BABEL de verbinding tussen de stad en de woningen. Dit spel
tussen binnen- en buitenruimte – tussen privaat en publiek ook – is
bepalend voor Boodts fascinaties voor architectuur. ‘Betere woon- en
werkplekken verbeteren ook de kwaliteit van de straat de daarmee
de stad als geheel. Omgekeerd profiteert ook de binnenruimte van
een betere openbare leefomgeving.’ Nadat hij zich in 2015 vestigt als
zelfstandig architect – na acht jaar als architect/ontwerper te hebben
gewerkt bij het stedenbouwkundig bureau Artgineering – komt daar
een fascinatie bij: woningbouw. ‘Dat is een van de belangrijkste actuele
thema’s in grootstedelijke architectuur. Er zijn veel te weinig woningen.
Bovendien dragen betere woningen bij aan een betere publieke
ruimte en dus aan een betere stad.’ Vanuit deze dienende functie van

architectuur buigt Boodt zich vervolgens over esthetiek, verhalende
waarde of materialiteit. Want ook dat zijn belangrijke kwaliteiten voor
een betere leefomgeving, weet hij ook. ‘Maar deze volgen uit de
maatschappelijke opgave.’
Zijn eerste project was een zelf geïnitieerd onderzoek in zijn eigen
Rotterdamse buurt naar vele leegstaande garageboxen en opslagruimtes
in de straatplint. ‘Hierdoor zijn woningen en straat zeer gescheiden, wat
de sociale cohesie in een straat ondermijnt. De meeste zijn bovendien
eigendom van woningcorporaties, zij hebben hiermee de kans om hun
eigen beleid voor betere buurten te versterken.’ Nadat hij het onderzoek
uitbreidde over de gehele Rotterdamse binnenstad bleek dat meer dan
tweehonderd van deze plekken onverhuurd zijn en leegstaan. Boodt

1-3. BABEL. Wooncomplex met 22 gezinswoningen, parkeergarage, een
plein, privéterrassen en een collectieve straat, op een centrale plek op
de Lloydpier. Door de getrapte gevelopbouw delen de bewoners een
aanzienlijke semi-openbare leefruimte. Zo combineert architect Laurens
Boodt de leefkwaliteit in ouderwetse woonstraatjes met gestapelde
woningbouw. Als bij de Toren van Babel van Pieter Bruegel lopen brede
straten buitenom langs de toren. In verband met privacy is gekozen voor
woningen met twee lagen. De slaapkamers op de tweede laag liggen
niet aan een straat. 4. Bellevoysstraat Rotterdam. Studie in opdracht
van corporatie Woonstad naar de transformatie van de plint van de
Bellevoysstraat van opslag- en bedrijfsruimten naar woningen. De gevel is
opener gemaakt voor meer levendigheid en sociale controle. De stoep – nu
vaak als inrit gebruikt – kan een (groene) gebruiksruimte worden. 5. Laurens
Boodt (1983) werkte na zijn studie Architectuur aan de TU Delft 7 jaar als
projectleider bij Artgineering. In 2015 richtte hij zijn eigen bureau op.

51 ArchitectuurNL

4 5

48-49-50-51-52-53_platform.indd 51 09-10-17 15:59

Gerelateerd