ArchitectuurNL 05 2018 – pag. 54

ArchitectuurNL 05 2018 – pag. 54

Door: | 29-04-2021

CANVAS van NOAHH | Network Oriented Architecture

TivoliVredenburg is een prachtig voorbeeld van een gebouw als ‘platform’, een project

waar het gebouw zélf het podium is; waar een hardrockconcert naast een klassiek concert

wordt gegeven; waar verschillende gebruikersgroepen elkaar ontmoeten, motiveren en

inspireren; een plek waar men de hele dag door kan verblijven; waar de grens tussen

binnen en buiten is vervaagd. De structuur die het gebouw hiervoor biedt is voor ons een

‘canvas’. Het naast elkaar laten plaatsvinden van activiteiten is voor ons niet genoeg. Deze

bruisende sfeer moet niet enkel binnen voelbaar zijn, maar ook in alle tussenruimten,

buiten en door de stad heen. Er zijn nog zoveel plekken die dat verdienen en die pakken we

graag aan!

In onze architectuur staan de mens en de activiteiten die we kunnen ontlokken en

faciliteren centraal. We verleggen hierin graag grenzen. Met een internationaal team

zijn we continu bezig om nieuwe typologieën te ontwikkelen en uit te werken. De ene

keer levert dit een iconisch gebouw op, de andere keer kan binnen een neutralere of

meer industriële context de binnenkant bruisen. We volgen daarin niet één dogma.

Door onze manier van werken kunnen we heel complexe opgaven aan op stedelijk

niveau waarin grote maatschappelijke aspecten een rol spelen. Het blijft altijd gaan

om menselijke waarden en goed samenleven. Als architect heb je daarin een enorme

verantwoordelijkheid. Het is onze ambitie om verder door te bouwen op onze kernwaarden

en deze breder te kunnen delen. Hiertoe zullen we nieuwe samenwerkingsverbanden

blijven aangaan. Het is daarbij een interessante constatering dat vaak al heel kleine –

vanzelfsprekende ingrepen – een enorme kwaliteitsverbetering teweeg brengen.

Architectuur staat niet stil
We leven in een wereld van contrasten waar wij vooral werken in het verstedelijkte

deel van de maatschappij welke almaar verder urbaniseert, verandert en steeds

technocratischer wordt. Onze ongekende welvaart stuwt ons op naar consumentisme

waarin we enkel nog hoeven te kiezen uit voorgesorteerde producten en diensten. In

groot contrast met de toenemende ‘service en product wereld’ waarin we leven, staat de

toenemende leegte van het oude landschap, van het platteland waar de materiele wereld

weinig betekenis heeft en waarin de oude maatschappij zoals deze nog tot aan het einde

van de twintigste eeuw bestond, verloren gaat.

Ook daarin kunnen we als architect van betekenis zijn. Onze huidige samenleving vraagt

daarom van architectuur iets anders dan rigide structuren. Architectuur moet met al de

snelle veranderingen kunnen meebewegen, zowel in verdichting als in verdunning.

Het is de survival of the fi ttest: gebouwen die verandering gemakkelijk kunnen opnemen

zijn duurzamer. Onze gebouwen zouden daarom steeds meer een canvas moeten zijn

waarin specifi eke functies in elkaar overgaan, niet alleen in de tijd maar ook in het

dagelijkse gebruik. Onze samenleving vraagt om andere plekken die je je kunt toe-

eigenen. Dat op zich is een prima beginsel. Zeker in een digitaler wordende wereld waarin

tijd en plek niet meer lijken te bestaan. De programma’s van bibliotheken, theaters, musea,

concertgebouwen en scholen zijn wezenlijk verschillend. De contrasten tussen interieur

en stedenbouw verdwijnen. Gebouwen gaan steeds meer op elkaar lijken Tussen ‘private

space’ en ‘public space’ ontstaat een ‘shared space’. Maar juist die shared space fuseert

langzaam met de public space. Niet alleen onze publieke gebouwen worden allemaal tot

een soort van culturele markthal. Door de schaalvergroting wordt ook de stad zelf meer

betrokken bij de programma’s vanuit de gebouwen.

We zijn dichtbij het moment dat gebouwen in meer algemene zin driedimensionale

voortzettingen van de stad zijn en hun institutionele karakter verliezen. Vanwaar de

aandacht voor slechts de buitenkant van gebouwen, wanneer de buitenkant zich gedraagt

als een zwart gat tussen twee soorten stedelijkheid? Veel aandacht gaat tegenwoordig

uit naar het bouwproces, maar het doel is het ondersteunen van onze samenleving in haar

dagelijkse functioneren. We signaleren hierbij een steeds intensere noodzakelijke dialoog

tussen stedenbouw en interieur, tussen maatschappij en individu en tussen samenleven

en ego. We hebben als architect tegenwoordig ongekende mogelijkheden om daarin te

faciliteren en onze positie en verantwoordelijkheid in te nemen.

Maar daarnaast hebben we een enorme experimenteerdrang om nieuwe typologieën de

testen en nieuwe wegen in te slaan samen als getalenteerd internationaal team. NOAHH

is een platform, onze medewerkers zijn onze ambassadeurs. Zo doen we naast projecten

in Nederland, ook projecten in Praag, Ljubljana, Wenen, Brussel, Dubrovnik, Italië en

delen we onze kennis en onze fascinaties. Onze speerpunten gaan dan ook niet alleen

over de aspecten die een gebouw moet bezitten om een goed gebouw te zijn maar óók

om een goede gebouwde bijdrage aan de maatschappij te kunnen zijn. Je moet dan de

maatschappij wel voldoende begrijpen. Als architect moet je steeds meer weten van

bijvoorbeeld subsidiestromen, van beleid in de zorg, van de economie, van de invloed van

de digitale wereld, van verantwoordelijkheden die we krijgen of waarvan we denken dat

een ander ze heeft. Waar je in de 19e eeuw zag hoe de industriële revolutie eff ect had op

onze manier van leven en bouwen zie je nu opnieuw een nieuwe wereld ontstaan. Dat gaat

allemaal ongeloofl ijk snel.

T
IV

O
L

IV
R

E
D

E
N

B
U

R
G

U
T

R
E

C
H

T

N
O

A
H

H

F
O

T
O

H
E

R
M

A
N

V
A

N
D

O
O

R
N

54-55-56-57-58-59_tabulanoahh.indd 54 12-10-18 09:47

Gerelateerd