ArchitectuurNL 06 2018 – pag. 14

ArchitectuurNL 06 2018 – pag. 14

Door: | 29-04-2021

de constructie. Deze is geconserveerd. De dragende delen konden we verstevigen, maar de
beganegrondvloer was slap. Daarom is een nieuwe vloer gemaakt met de juiste hechting op de
bestaande vloer.’
De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed en de afdeling erfgoed van de gemeente Utrecht – waar
de architecten al in een vroegtijdig stadium contact mee zochten – toonden zich steeds bijzonder
ruimdenkend. Ook toen Blauw Architecten voorstelde om de gevel aan de buitenzijde te isoleren.
‘Een nieuwe jas is niet echt gangbaar bij monumenten, maar we wezen hen erop dat het de
kwaliteit van het gebouw ten goede komt. Bovendien stelde het ons in staat om het ambachtelijke
werk van Jan Jongerius te bewaren, we conserveren het als het ware.’ Op de gevel kwam een
8 centimeter dik isolatiesysteem, Sto Therm Classic. Dat betekende echter dat de ramen naar
buiten geplaatst moesten worden om neggen te voorkomen. ‘De oude kozijnen waren niet goed
genoeg om te hergebruiken, maar we vonden een ambachtelijke smederij in Vorden, Oldenhave.
Zij maakten de originele kozijnen na met dezelfde detaillering en restaureerden het oude hang- en
sluitwerk.’ De koudebrug onderbreking was een vinding van Ter Beek en Lichtenberg. ‘De profielen
zijn een stukje uitgefreesd om een koudebrug onderbreking te maken. Daar kon ook dubbel glas
in, maar er zit geen fysieke isolator tussen. De extra isolatiewaarde wordt verkregen door de lucht
in profielen.’ Door de combinatie van maatregelen heeft de gevel een Rc-waarde van 2,5 en is de
U-waarde 3,7. ‘Zat er geen horecakeuken in, dan was het gebouw zelfs energieneutraal. Behalve
de isolerende maatregelen die we troffen, zijn er namelijk 118 zonnepanelen geplaatst, een lucht-/
water warmtepomp, een E-ketel voor bijverwarming, balansventilatie met WTW en een afzuigkap in
de keuken met warmteterugwinning.’

Reconstructie gevel
De energetische oplossingen konden de architecten bijna geheel aan het oog onttrekken doordat
de daklijst in oude luister werd hersteld. ‘Deze is 1,5 meter hoog, genoeg om een dik isolatiepakket
achter aan te brengen en de warmtepompen en zonnepanelen te verbergen.’ De letters op de
daklijst zijn gereconstrueerd. Ter Beek: ‘Van de dakrand was 20 centimeter over en net genoeg
om de onderrand van ‘Jan Jongerius’ te zien, op de steiger te klimmen én de dikte van de letters
na te meten. Daarnaast vonden we onder oude verflagen het Ford-logo terug. Daar is een mal
van gemaakt, die we gebruikten om het oude beeldmerk opnieuw op de gevel te schilderen.
Alleen van de V8-symbolen die op de lantaarns staan was niets bewaard gebleven.’ Gedurende dit
proces konden de architecten spiegelen met restauratiearchitect Harriën van Dijk. ‘Monumenten
zijn niet onze core business en deze samenwerking was van onschatbare waarde. Zo gaf hij ons
bijvoorbeeld tips voor het stukwerk. We hadden de beste stukadoors die de gevel heel strak
afwerkten. Zo mooi dat het niet meer paste bij een monument. Daarom besloten we om de laatste
afwerkingsfase achterwege te laten, zodat de gevel toch een zekere gelaagdheid heeft.’

Transparant
Bij de aanpassingen in het interieur hield Blauw Architecten rekening met het doorzicht. ‘Toen
we het programma wilde inpassen op de vloervelden bleek dat we één vloerveld kwijt zouden
zijn aan het secundaire programma (o.a. horeca, toiletten, garderobe). Dat was niet gunstig
voor de exploitatie, maar het komt ook de transparantie niet ten goede.’ Om dat op te lossen, is
gebruikgemaakt van de hoogte van het kantoor. ‘Vanaf het maaiveld meet het gebouw 10 meter.
In de verdiepingsvloeren zijn aan weerszijden van de trap twee grote gaten gemaakt. Hier lieten
we twee grote stalen kubussen in zakken. Op de extra vloervelden – vier nieuwe op de plaats
van de twee originele vloeren – zijn voorzieningen als garderobes en toiletten geclusterd in twee
compacte volumes, zodat de doorzichtigheid van het gebouw gewaarborgd bleef. De kubussen
refereren bovendien aan de oorspronkelijke constructie.’
De ondersteunende ruimtes worden ontsloten door watervaltrappen. Ook hier komt de historie
terug. Lichtenberg: ‘Beelden uit de films van Jan Jongerius hebben we ingelijst en staan in de
nissen naast de trappen.’ Deze films bleken overigens van onschatbare waarde bij de restauratie.
‘Uren beeldmateriaal van familiefeesten en bedrijfsactiviteiten zijn erop te zien. Dat hielp ons om
de originele sfeer terug te brengen. Voor de gordijnen werden we bijvoorbeeld geïnspireerd door
toneelvoorstellingen die op de films te zien zijn. En ook de planten komen terug in het interieur.
Terwijl de stoelen in de foyer van Jean Prouvé zijn, een tijdgenoot die net als Jan Jongerius al voor
de oorlog seriematig produceerde.’

De ouDe
films van
Jongerius
bleken van
onschat bare
waarDe
voor De
restauratie

Projectgegevens
Locatie: Kanaalweg 64 Utrecht. Bouwjaar:
1936-1938. Architect: Jan Jongerius. Architect
restauratie: Blauw Architecten. Opdrachtgever
restauratie: Stichting Vrienden van het
Jongeriuscomplex. Producent ramen: Smederij
Oldenhave. Uitvoering restauratie: 2016-2018.

14ArchitectuurNL

12-13-14-15_jongeriusgarage.indd 14 26-11-18 16:34

Gerelateerd