Jort Bakker over duurzaam financieren

Ondernemen

Jort Bakker over duurzaam financieren

Door: Kirsten Hannema | 20-04-2016

Groen’ kost geld, zo luidt de algemene redenatie in de bouwsector, maar kun je duurzaamheid en handel wel met elkaar verenigen? Duurzaam financieren vraagt in elk geval om andere, ingewikkelder verdienmodellen en dat de kosten van vervuiling door de bouw niet worden meegerekend, is een weeffout in ons economisch model. Dat zegt Jort Bakker, hoofd Duurzame Financieringen bij de ASN Bank en kersvers bestuurslid van Dutch Green Building Council.

‘Het moet leuk blijven’ antwoordde Jort Bakker (1961) in een eerder interview, op de vraag of hij de duurzaamheid die ASN Bank (‘voor de wereld van morgen’) voorstaat thuis even fanatiek in de praktijk brengt. Hij is geen duurzaamheidsapostel zoals de Amerikaanse politicus Al An inconvenient truth Gore of ‘oneplanet- architect’ Thomas Rau. ‘Zo zit ik er niet in’, vertelt hij in het – duurzaam gerenoveerde – kantoor van ASN aan de Bezuidenhoutseweg in Den Haag. ‘Je moet mensen niet betuttelen, maar faciliterend werken, draagvlak creëren.’ Bovendien ziet hij niet voor zich hoe hij de duurzaamheidsboodschap in zijn eentje naar voren zou moeten brengen. ‘Ik ben geen solist. Als je in de bouw stappen wilt maken, dan moet je door de hele keten; circulair denken gaat nu eenmaal niet vanuit een enkel specialisme.’

Beroepsdeformatie

Bakker is niet in het bestuur van DGBC gestapt omdat hij een architectuurfanaat is. Op de vraag naar zijn favoriete architect, antwoordt hij na lang nadenken dat hij die niet heeft. Een favoriet gebouw dan? De Markthal Rotterdam vindt hij ‘aardig’, vooral vanwege de wko-installatie, die de ASN Bank heeft gefinancierd. ‘Beroepsdeformatie’, verontschuldigt hij zich. En de architectuur? ‘Ik vind het gebruik van de ruimte leuk: de verschillende functies die bij elkaar gebracht worden: wonen, de markt, iconische waarde – het gebouw geeft meerwaarde aan het hele gebied, dat is belangrijk: het denken in gebieden, in een economie van delen.’ Dan ineens weet hij het: Dutch Windwheel, het ietwat megalomane plan om voor de EXPO 2025 die Rotterdam wil organiseren een 174 meter hoge ‘triomfboog’ van duurzaamheid te bouwen. Dat vindt hij mooi. Met woningen, een hotel, een panoramarestaurant en allerhande nieuwe snufjes op het gebied van energiewinning en watertechnologie. ‘Het aardige is dat de bedenkers open houden welke technieken ze gaan gebruiken; het is ook een onderzoeksproject. Dat open-sourcekarakter spreekt mij aan.’

Ervaring op gebied van duurzaamheid

De reden dat hij ja heeft gezegd tegen de (onbetaalde) functie als DGBC-bestuurslid, is dat hij als hoofd Duurzame Financieringen bij ASN Bank jarenlange ervaring heeft op het gebied van duurzaamheid en die graag wil delen. Hij is verantwoordelijk voor de financieringen door het ASN Groenprojectenfonds, waarbij particulieren met fiscaal voordeel hun spaargeld beleggen in duurzaam bouwen (zoals warmte-koude opslag), natuurbeheer of windparken. De bank was betrokken bij de oprichting van het Energiefonds Overijssel (200 miljoen euro), dat leningen tegen een lage rente aanbiedt aan corporaties en ondernemingen, om woningen energiebesparend te renoveren. Ook wordt geïnvesteerd in duurzame energieopwekking, zoals zonnepanelen en pyrolyse (olie uit biomassa). Samen met Rabobank won ASN Bank in 2013 de tender voor het Nationaal Energiebespaarfonds (NEF), een initiatief van minister Blok van Wonen om de verduurzaming van individuele woningen te stimuleren. Voor particulieren en vve’s is bij een ‘gewone’ bank lenen doorgaans lastig, omdat deze zekerheid wil over het pand, dat meestal eigendom is van de hypotheekverstrekker. Daarom is in dit fonds een apart potje voor hen gereserveerd. Wat verstaat Bakker onder duurzaamheid? De vraag lijkt hem te overvallen. ‘Wij zijn hier op aarde om een duurzame samenleving te bevorderen.’ Maar wat is een duurzame samenleving? Hij verwijst naar de website van ASN, ‘daar staat het precies verwoord’. Namelijk zo: ‘een samenleving waarin mensen vrij zijn hun eigen keuzes te maken, zonder dat dit ten koste gaat van anderen […] zonder armoede, waarin iedereen onderwijs kan volgen en beschikt over goede huisvesting en gezondheidszorg.’

In evenwicht  

Duidelijk is dat duurzaamheid voor de ASN Bank verder gaat dan energie besparen. Hoe de verbouwing van het eigen kantoor, gevestigd in een voormalig Rijkskantoor uit de jaren 60, is aangepakt, is exemplarisch. Bij de aanbesteding in 2012 gold de voorwaarde dat bouwbedrijven uit de regio moesten komen, en ze moesten aangesloten zijn bij MVO Nederland (maatschappelijk verantwoord ondernemen). Het gebouw is van minder dan energielabel G naar A gerenoveerd, onder meer door de (hergebruikte) gevel naar buiten te plaatsen, en de aanleg van een warmtekoudeopslaginstallatie. Bakker: ‘We kijken als bank ook naar biodiversiteit en financieren zorg en onderwijs. Daarbij streven we naar een klimaatneutrale bankbalans. De activiteiten die CO2 uitstoten tellen we bij elkaar op, net zoals de investeringen die compenseren voor die uitstoot, zoals zonnepanelen en windmolens. In 2030 moeten die twee met elkaar in evenwicht zijn. Het woord compenseren geeft aan dat we te maken hebben met tegengestelde belangen. Er is de ‘gewone’ gang van zaken, waarin geld verdienen voorop staat. Maar eigenlijk is dat fout, en dus moeten we ons ‘zondige’ gedrag compenseren, en het op termijn afleren. De ASN Bank is daar al een eind mee op weg.’ Maar als het gaat over duurzaam bouwen, wordt er vooral gesproken in termen van kunnen, zouden en moeten. Ook door Jort Bakker, die in reactie op zijn benoeming tot bestuurslid van DGBC stelde dat er ‘ontzettend veel kansen liggen op het gebied van duurzaam bouwen’ en ‘we grote stappen voorwaarts kunnen maken’.

Verdienmodellen  

Duurzaam financieren vraagt om andere, ingewikkelder verdienmodellen. ‘De kosten van vervuiling door de bouw worden nu niet meegerekend; dat is een weeffout in ons economisch model. De verantwoordelijkheid van de bouwer moet veel verder reiken dan momenteel het geval is. Wat is het scenario voor de exploitatie? Wat kun je met de materialen op het moment dat het gebouw overbodig wordt? Met financiële constructies zoals DBFMO (design, build, finance, maintain, operate), zoals bij de nieuwbouw voor de Hoge Raad in Den Haag, gaan we de goede kant op, richting circulariteit. De bouwende partij blijft dertig jaar verantwoordelijk, van gebouw tot bittergarnituur. Dan kun je daadwerkelijk investeren in de beheerfase: energiezuinige installaties, duurzame materialen. En de partijen die kwaliteit realiseren, plukken daar de vruchten van.’ Nieuwe financieringsinstrumenten bieden ook de mogelijkheid om kleinschalige initiatieven op te schalen. Zo heeft de ASN Bank een bedrijf gefinancierd dat zonne-energie op daken via een lease-constructie aanbiedt. ‘Wij financieren het bedrijf, zij gaan vervolgens naar de klanten, waardoor een veel grotere groep mensen bediend wordt.’

Duurzame businesscase  

Welk energielabel zou Bakker de branche nu geven? Aan een dergelijke uitspraak waagt hij zich niet. Wel wijst hij erop dat Nederland achterloopt op de doelstelling van de Europese Unie om in 2020 in totaal 20 procent van alle energie duurzaam op te wekken en nieuwbouw energieneutraal te realiseren. Wat is er nodig is om de ‘mammoettanker’ in de juiste richting te laten draaien? ‘Je moet allereerst een stip op de horizon zetten: waar willen we naar toe?’ Energielabels of BREEAM vindt hij mooie instrumenten als opstap. ‘Vervolgens moet je je duurzame businesscase sluitend zien te krijgen. Daarvoor heb je alle partijen uit de bouw nodig – de financier is er slechts een van. Als je de risico’s onder controle hebt, komt het geld vanzelf.’ In elk geval mag geld geen belemmering zijn om duurzaam te bouwen. ‘Ik hoop het peloton mee te krijgen, onder andere door goede ‘groene’ financieringsmogelijkheden onder de aandacht brengen.’

Samenwerken is het sleutelwoord

Cliché maar volgens Bakker waar: samenwerken is het sleutelwoord. Daarom gelooft hij in organisaties zoals DGBC, die bijeenkomsten organiseert waarop verschillende partijen kennis uitwisselen, integrale meetinstrumenten zoals BREEAM aanbiedt en green business scripts ontwikkelt. ‘Het is een mooie basis voor mijn doel als bestuurslid: tonen dat de bouw een keten is, met een gemeenschappelijk belang om de gebouwde omgeving te verduurzamen. Die bindende factor wil ik inzichtelijk maken.

Tekst: Kirsten Hannema
Dit artikel werd gepubliceerd in ArchitectuurNL nummer 2 van 2016

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Ontvang iedere week het laatste nieuws en informatie op het gebied van architectuur in uw mailbox.

Gerelateerd

Tags: , , , , , , , ,

    Schrijf een reactie

    Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.