Van stoelmodel tot modelstoel

Van stoelmodel tot modelstoel

Inspiratie, Vreemd gaan
Door: Redactie ArchitectuurNL | 20-06-2012

De hernieuwde belangstelling voor de ontwerpschets om het concept uit te drukken is bemoedigend. ArchitectuurNL toont al enkele jaren het belang van de schets aan. Ook studiemodellen in de ontwikkeling van het ontwerp, vergelijkbaar met de ontwerpschets, zijn weer populair. Met computerontwerp en modellen in karton en staal ontwikkelde Jan Brouwer het ontwerp van de aluminium stoel Origami.

Maand zonder model

Onlangs las ik het boek Made by the Office for Metropolitan Architecture waarin het model in het ontwerpproces voortdurend aan de orde wordt gesteld. De ontwerpers binnen het bureau van Rem Koolhaas vervaardigen zoveel modellen, dat de grote meester zelfs de ‘maand zonder model’ heeft geïnitieerd. Hij werd geïrriteerd door de grote hoeveelheid blauw schuim in het kantoor en hij vroeg zich af of een benadering via denken en tekenen niet de voorkeur had boven de schuimmodellen. Deze maatregel was geen succes: het model bleef het belangrijkste intermediair om over het ontwerp te discussiëren en de uiteindelijke beslissing te nemen over het definitieve ontwerp.

De stoel versus gebouw

Een stoel is een soort ruimtelijke machine. Machine is er misschien niet het ultieme woord voor maar volgens Van Dale’s Woordenboek klopt het wel: een machine is ‘een uit delen samengesteld apparaat dat een bepaalde werking of functie kan vervullen’. De stoel leent zich niet zo eenvoudig voor een vertaling in blauw piepschuim als een gebouw. Een stoel is qua functie veel directer en heeft veelal een monovalente bedoeling namelijk zitten. Het spel van het model in de ruimte speelt hier in mindere mate. In de architectuur zijn plaats en context essentieel en ook voortdurend aan de orde in het ontwerpproces. Een stoel is bijna contextloos. In de architectuur heeft de mens een ruimtelijke relatie met het gebouw. De stoel heeft een fysieke relatie (en ook vaak een interactieve relatie) met het menselijke lichaam. Vorm, materiaal en methodiek spelen bij het ontwerp van een stoel veel eerder een specifi eke rol dan bij een gebouw.

Origami

Het ontwerpen van een stoel is een betrekkelijk eenzaam proces. Veelal – in ons geval tot nog toe altijd – is er geen opdrachtgever als sparringpartner. Je ontwerpt omdat je dat niet kunt laten. Het ontwerp van Origami begon met de gedachte om dunne metalen stroken te vervlechten tot een kruk of stoel. Door dat vlechtwerk ontstaat op diverse plaatsen dubbel materiaal. Onderlinge verbinding hiervan door kunststofschuim (denk aan Glare of aan Alucobond) resulteert in een soort sandwich die veel sterker is dan de dubbele plaat zelf. Zo ontstond een eerste model voor een krukje in karton. De stroken werden niet slechts als onderstel benut maar vormden ook de leuning. Via tekeningen en modellen in karton hebben we verder gewerkt aan de ontwikkeling. De combinatie van het virtueel werken op de computer en het maken van modellen levert goede resultaten op. Ingewikkelde onderdelen zijn in een virtuele omgeving sneller te manipuleren en optimaliseren dan in een model. Hoewel karton niet vergelijkbaar is met metaal, is er toch veel te zien aan zo’n kartonnen model. In 2010 hebben we dit ontwerp Origami in de vorm van een aantal computertekeningen en een kartonnen model ingediend voor de Thonet Mart Stam-prijs. Een eervolle vermelding was weliswaar het resultaat maar de jury vond dat vereenvoudiging noodzakelijk was om tot een maakbaar resultaat te komen. We hebben ons de kritiek aangetrokken en hebben het ontwerp versimpeld. Het aantal onderdelen is gereduceerd tot drie. Twee gezette aluminium platen vormen het zitgedeelte inclusief de poten, het derde onderdeel is de rugleuning. Door de platen op afstand (8mm) te koppelen ontstaat een betrekkelijk sterk en stijf geheel. De poten bestaan uit twee 3mm dikke aluminium platen verbonden door een boutconstructie. Dit principe geldt ook voor de zitting. De gezette leuning uit 3mm aluminium is op de onderplaat bevestigd. We hebben eerst een model uit plaatstaal gemaakt, dat ook diende om het zitcomfort te testen. Ook zijn er kleurenstudies uitgevoerd. De drie onderdelen worden voor montage gemoffeld. Door de onderdelen in afzonderlijke kleuren te spuiten zijn er oneindig veel kleurencombinaties mogelijk. We hebben inmiddels twee proefmodellen die verder worden onderzocht. Niet alleen op mechanische eigenschappen maar vooral ook op de verbinding tussen de onderdelen. Vanuit deze modellen onderzoeken we de mogelijkheid om dichterbij de oorspronkelijke vorm te komen. De eerste schetsen zijn er al; nu het model nog.

Tekst: Jan Brouwer en Chris Karthaus
Gepubliceerd in ArchitectuurNL 04 2012

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Ontvang iedere week het laatste nieuws en informatie op het gebied van architectuur in uw mailbox.

Gerelateerd

Tags: , , , , , ,

    Schrijf een reactie

    Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.