Oud en jong bijeen

Projectanalyse

Oud en jong bijeen

Door: Kirsten Hannema | 22-10-2014

Oudere bewoners komen voorlezen in de klas en fleuren op door de aanwezigheid van de jeugd, scholieren helpen op hun beurt de bejaarde buren een handje. Een synergie tot stand brengen tussen jong en oud – dat is het idee achter het gecombineerde school/woonzorggebouw dat Sacon architecten in Ermelo ontwierp. Hoewel de beoogde integratie slechts ten dele geslaagd is, vallen uit dit pioniersproject waardevolle lessen te trekken.

 

 

Een donkergroen metalen hek scheidt het schoolplein van basisschool de Cantharel van het brasserie-terras bij woonzorgcentrum de Amaniet in Ermelo. Op het eerste gezicht een doodgewoon en logisch hek, waardoor de scholieren niet het terras kunnen oprennen en de bejaarde buren geen ommetje te maken over het plein. Oud en jong, ieder op hun eigen terrein; zo hoort het, toch? Net als in de politiek, lijkt ook in de gebouwde omgeving sprake van toenemende ‘segregatie’. Woonden studenten vroeger in bij een hospita, tegenwoordig zijn er aparte studentenflats en seniorencomplexen. Rotterdam wil zelfs een ‘bakfietswijk’ bouwen voor jonge gezinnen, terwijl elders in het land een heuse seniorenstad wordt ontwikkeld. Zo bezien is het hek in Ermelo exemplarisch voor de generatiekloof die in de samenleving groeit. Maar het nieuws is dat het binnenkort wordt vervangen door een poort. De kinderen en hun ouders kunnen dan komen ‘buurten’ in de brasserie, de senioren trappen wellicht een balletje mee op het schoolplein. En dan zijn de architecten van Sacon een stap dichter bij hun doel met dit ontwerp: oud en jong leven niet langer langs, maar met elkaar.

Pionieren

Het gebouw is een van de eerste waarin een school met ouderenhuisvesting is gecombineerd. ‘We zagen het als een kans’, vertelt schoollocatieleider Frits Hilbrink over het hybride concept, dat ruim tien jaar geleden is ontstaan. Woningbouwcorporatie Uwoon is op dat moment bezig met de ontwikkeling van een kleinschalig woonzorggebouw op een locatie tussen de Amaniet- en Cantharellaan, waar al een basisschool staat. Architectenbureau Sacon krijgt opdracht om een stedenbouwkundig plan te maken. Omdat het schoolgebouw aan vervanging toe is, ontstaat al snel het idee voor gezamenlijke nieuwbouw. De kans die Hilbrink ziet, schuilt in eerste instantie vooral in het delen van ruimtes als de mediatheek, het speellokaal en de keuken. Zo kunnen school en woonzorgcentrum voor hetzelfde budget over meer faciliteiten beschikken. De brede schoolgedachte is nog relatief nieuw – er zijn nauwelijks referenties hoe je zo’n collectief proces en het beheer aanpakt.

De ontwikkeling van de Cantharel en de Amaniet wordt daarom ‘traditioneel’ gestart, in twee aparte bouwprocessen. De architecten van Sacon hebben voor stedenbouwkundige inpassing het complex van 6000 m2 (een school en ruim 50 appartementen) ‘opgeknipt’ in een aantal bouwdelen, die zich min of meer vanzelfsprekend in het wijkje met rijtjeshuizen voegen. Tussen de vleugels met appartementen en klaslokalen aan lichte gangen, liggen gemeenschappelijke functies en dakterrassen. Als de hoofdvorm eenmaal op papier staat, rijst de vraag of het gebouw ook een synergie tot stand kan brengen tussen de gebruikers. Oud en jong zouden elkaar goed kunnen aanvullen. Voor bejaarde bewoners die zich eenzaam voelen of weinig de deur uit komen, is de reuring van de school zeer welkom. Ouderen die zich nog fit voelen, vinden het wellicht leuk om in de klas voor te lezen, terwijl kinderen hand- en spandiensten kunnen verrichten in het woonzorgcomplex. De brasserie zou niet alleen een trefpunt, maar zelfs een buurtcentrum kunnen worden.

Fysieke en visuele relaties

De ontwerpers hebben deze ideeën vertaald in fysieke en visuele relaties. De gemeenschappelijke functies zijn op het grensvlak tussen school en zorgcomplex gepositioneerd, zodat ze door beide partijen en voor gezamenlijke activiteiten gebruikt kunnen worden. Dat laatste gebeurt helaas nauwelijks, vooral doordat de ruimtes slecht toegankelijk zijn. De bejaarde bewoners kunnen alleen naar de mediatheek en het speellokaal via een hellingbaan – lastig voor wie slecht ter been is. Omgekeerd is de brasserie niet bereikbaar voor scholieren vanwege het eerder genoemde hek. En dan ligt de ingang van het zorgcomplex ook nog eens achteraf aan de parkeerplaats. Wat ontbreekt, is een publiek gebaar, een centrale ontmoetingsruimte. Sterker zijn de zichtrelaties. In de brasserie zit een groepje oudere dames en heren aan de lunch, zichtbaar genietend van het uitzicht op spelende kinderen op het schoolplein. Via de doorkijkjes in de entreehal van het zorgcomplex kijk je naar de peuterspeelzaal en het speellokaal. Dat ze het ‘jammer’ vinden dat de zomervakantie begint, zegt veel over wat de nabijheid van jonge mensen, de ervaring van levendigheid, voor de bewoners betekent. Een belangrijke succesfactor voor de integratie tussen jong en oud schuilt in de mensen die het gebouw gebruiken. Zij zijn het immers die de gezamenlijke activiteiten ondernemen.

Foto’s in de gang laten zien hoe wekelijks een aantal kinderen meedoet met de seniorengym in het woonzorgcomplex. Op patat- en pannenkoekendag mogen de leerlingen in de keuken van de brasserie bakken, waarna er een gezamenlijk feestmaal is. De bewoners worden steevast uitgenodigd voor fancy fairs of schoolvoorstellingen. Het enthousiasme en de goede samenwerking bewijzen dat er potentie schuilt in de combinatie van onderwijs en seniorencomplex. De menselijke maat en vriendelijke uitstraling maken dat je je op je gemak voelt in dit gebouw, en dat is een belangrijke voorwaarde om mensen met elkaar in contact te brengen. Of en hoe spontane ontmoetingen tot stand komen, wordt echter vooral bepaald op de overgangen tussen private, collectieve en openbare ruimtes. Op die cruciale punten – de toegang tot het plein, de entreehal, de passage binnendoor – hapert het ontwerp. Dat heeft niet alleen te maken met de vormgeving en de gescheiden bouwprocessen, maar ook met bezwaren uit de buurt, met name tegen de horecavoorziening. Vandaar het hek dat de brasserie van de openbare weg en het schoolplein afschermt. Gelukkig is inmiddels het inzicht gekomen dat het onnodig is. De nieuwe poort is al een stap vooruit en, wie weet, wordt uiteindelijk het hele hek weggehaald. Dit pioniersproject is voor alle betrokkenen een leerschool geweest; het is positief dat er nu lessen uit getrokken worden. Lessen waarmee andere opdrachtgevers, architecten en buurtbewoners hun voordeel kunnen doen.

Tekst: Kirsten Hannema
Fotografie: Jurgen Backer Dirks

Gerelateerd

Tags: , , ,

    Schrijf een reactie