Recht volgens Ruby: verbroken samenwerking

Recht volgens Ruby: verbroken samenwerking

Architect, Kennis, Wet- en regelgeving
Door: Ruby Nefkens | 27-08-2015

Ruby NefkensIn de praktijk zien we vaak dat de samenwerking tussen architecten niet (goed) is vastgelegd. Dat gaat prima zolang er geen vuiltje aan de lucht is. Maar wat als één van de architecten weggaat? In de wet wordt wel het één en ander geregeld, maar dit pakt niet altijd goed uit voor de uittredende architect.

Bij het verbreken van een samenwerking tussen architecten is het net zo als bij de ontbinding van een huwelijk. Je wilt niet in een ‘vechtscheiding’ belanden. Dus is het belangrijk om nu al afspraken te maken over een eventueel uit elkaar gaan. Je kunt daarbij vaak afwijken van wat wettelijk is geregeld. Wie heeft bijvoorbeeld na uit elkaar gaan de rechten op de naam van het bureau en op het werk dat onder de naam van het bureau is gemaakt?

Naam van het bureau

De naam van een architectenbureau is een handelsnaam, die gekoppeld is aan de onderneming die het architectenbureau drijft. Wanneer één van de architecten weggaat dan blijft de handelsnaam aan de onderneming gekoppeld, tenzij partijen afspreken dat de handelsnaam niet langer gebruikt wordt door die onderneming. Omdat een handelsnaam zich kan ontwikkelen tot een bekende naam, waar goodwill aan verbonden is, die een belangrijke financiële waarde vertegenwoordigt, is het dus verstandig om daar vooraf afspraken over te maken.

Dit geldt temeer nu de handelsnaam vaak ook de in de sociale media gebruikte naam is, of onderdeel is van de domeinnaam, of wanneer de handelsnaam ook als merk is geregistreerd. De architect die de handelsnaam voortzet wil natuurlijk ook dat gebruik continueren en het is dan ook aan te raden om af te spreken dat de registraties worden overgedragen daar waar mogelijk en het gebruik ervan door de andere partij wordt gestopt.

Ontwerpen en projecten

Een ander twistpunt is vaak of de uittredende architect mag refereren aan werk dat onder het ‘oude’ architectenbureau is gemaakt en gepubliceerd. Mag de architect die weggaat daarvan afbeeldingen (bijvoorbeeld foto’s, tekeningen, impressies) op zijn of haar nieuwe website plaatsen?

Om een antwoord te kunnen geven op de vraag wie het werk mag gebruiken moet vastgesteld worden wie de auteursrechthebbende is op het werk. De auteursrechthebbende heeft namelijk het uitsluitend recht om het werk te gebruiken. Daaronder valt ook het publiceren ervan in de media of het gebruik maken van afbeeldingen als referentie.

Als auteursrechthebbende wordt beschouwd hij die bij de publicatie of het openbaarmaken van het werk op of in het werk als zodanig is aangeduid, of bij gebreke daarvan, degene, die bij de openbaarmaking van het werk als maker daarvan is bekend gemaakt door degene, die het openbaar maakt. Wanneer het werk onder de naam van het architectenbureau wordt bekend gemaakt dan wordt het bureau dus als auteursrechthebbende beschouwd.

Vennootschap

In de wet staat ook dat als een vennootschap (en dit geldt ook voor een openbare instelling, een vereniging of stichting) een werk als van haar afkomstig openbaar maakt, zonder daarbij een natuurlijk persoon als maker er van te vermelden, de vennootschap als de maker van dat werk aangemerkt. Dit is alleen anders als bewezen wordt, dat de openbaarmaking onder de bedoelde omstandigheden onrechtmatig was. Maar dat zal in de meeste gevallen niet zo zijn.

Dit betekent dat een architect, ook al is hij de bedenker, ontwerper of uitvoerder van het werk, geen individuele rechten daaraan kan ontlenen, wanneer zijn naam niet als de maker van het werk wordt vermeld. Wanneer daarover geen andere schriftelijke afspraken gemaakt zijn kunnen in dat geval de auteursrechten dus niet worden meegenomen door de architect die weggaat. Hij mag dan ook niet zonder toestemming het werk afbeelden of gebruiken. Terwijl de architect die weggaat er belang bij kan hebben om het door hem in het verleden gemaakte werk te kunnen blijven gebruiken, wanneer hij een nieuw bureau start.

Deze problematiek met betrekking tot auteursrechten op werk speelt overigens niet alleen bij architect – aandeelhouders/vennoten/partners maar ook bij architecten die freelance of in loondienst werkzaamheden verrichten voor het bureau.

Kortom, het voorkomt een conflict (en tijd en kosten), als je voorafgaand aan de samenwerking duidelijke schriftelijke afspraken maakt over het na afloop gebruik maken van de naam van het bureau en van het werk dat ieder maakt, dan wel dat gezamenlijk wordt gemaakt. Deze afspraken kunnen natuurlijk ook nog gemaakt worden als de samenwerking al van start is gegaan, als iedereen nog ‘on speaking terms’ is.

Tekst: Ruby Nefkens, advocaat intellectueel eigendom, ICT, design, architectuur, kunst, media.

Dit artikel is gepubliceerd in ArchitectuurNL nummer 4 van 2015

Gerelateerd

Tags: , , ,

    Schrijf een reactie

    Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.